Nieuwste boeken

De winter van de Belgica 
Stilstaan 
Antigone's keuze 

Natuur

De bende van de mol 
Brand in de Tikkebossen
Tand om tand
Braam
De huilers
De zilverrug
Morgen dood ik een leeuw

Leven, liefde en dood

Stilstaan 
Middernachtzonde 
Ariadne 
Jan zegt nooit wat
Kwikloks

Mythe en geschiedenis

Ariadne 
De ogen van de tiran
Antigone's keuze 
De winter van de Belgica 

die Keure
Kameleonbieb 6
zesde leerjaar

Dian Fossey: Mama Gorilla
Arm en rijk
De grote ontgoocheling
Morgen dood ik een leeuw
Mayan en Mallerik

Verhalen

Blokbeest
Bye bye my summerlove
Verkeershinder
De toner
Hondsroos
Tropisch paars
De groene ridder
Drup, Drop en Drets
De kunstenmaker
Het pakhuis
Op safari in de stad



Stilstaan


 Willy Schuyesmans leest voor uit Stilstaan (4'17")

Heruitgave in het Duits onder de titel Adieu Benjamin.
Erfrauliches Theater Erfurt speelt Adieu Benjamin in het Duits!
Stilstaan is uitverkocht bij de uitgever. De auteur heeft echter nog enkele tientallen gesigneerde exemplaren te koop voor de spotprijs van 8 euro, verzending binnen België inbegrepen.
Ben je nog op zoek naar een van de laatste exemplaren van Stilstaan, stuur dan een mailtje naar willy@schuyesmans.be en vermeld erbij aan wie het boek moet worden opgedragen.

Stilstaan - Willy Schuyesmans en Carll Cneut CIP
Stilstaan
Willy Schuyesmans; ill. Carll Cneut
© Davidsfonds/Infodok, 2004 - 92 blz.;
ISBN 90-5908-073-4
Prijs: € 12,95
UitverkochtNUR 283
Doelgroep: vanaf 11 jaar


Nog enkele exemplaren te koop bij de auteur. Klik hier.
Stilstaan - Willy Schuyesmans en Joep Bertrams CIP
Stilstaan
Willy Schuyesmans; ill. Joep Bertrams
© Averbode; Apeldoorn; Altiora, 1995 - 112 blz.;
ISBN 90-317-1149-7
UitverkochtNUGI 221


'Ziezo', zei Benjamin. 'Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil.'

Totaal onverwachts krijgt de tienjarige Benjamin op een dag een hartstilstand. Hij sterft en komt terecht in het land van Straks. Vol verwondering stapt hij uit het ziekenhuisbed en kijkt. Naar zijn eigen lichaam, naar de dokter die hem tevergeefs weer tot leven tracht te brengen, naar zijn ouders en zijn zus Esther die afscheid van hem nemen.
Benjamin leert nieuwe vrienden kennen in het land van Straks en beleeft met hen de wildste feestjes en de leukste momenten. Maar vaak gaat hij terug naar huis om mama, papa en Esther te troosten. Om met hen te praten, om hen te knuffelen of om gewoon bij hen te zijn. Tot Benjamin merkt dat hij steeds meer begint te vervagen...

WILLY SCHUYESMANS neemt afscheid op een heel ongewone manier. Samen met Benjamin vertelt hij een bijzonder aangrijpend verhaal. Vol hartverwarmende gebaren, moeilijke stiltes, maar ook vol blije herinneringen en een vrolijke schaterlach. Over doodgaan en rouwen, loslaten en liefhebben.


Fragment

'Ziezo', zei Benjamin. 'Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil.'
Hij ging rechtop zitten in het hoge ziekenhuisbed, keek even naar de aan- en uitflitsende rode lampjes en glimlachte. Het alarm gilde en hij hoorde stappen op de gang. Benjamin liet zich van zijn bed glijden, wierp een vlugge blik op zijn dode lichaam en ging toen bij het raam staan.
De nachtverpleger rende naar binnen. Hij keek, heel even maar, naar de cijfers en de flikkerende lampjes op de zwarte apparaten tegen de muur. Het leek wel een kerstboom, dacht Benjamin. De verpleger drukte op de alarmknop en beukte meteen daarna met zijn volle gewicht op het dode lijf in het bed.
'Laat maar', zei Benjamin, terwijl hij op de vensterbank ging zitten. 'Het helpt niet meer. Ik ben dood.'
De verpleger hoorde hem niet of wilde niet luisteren. Benjamin haalde zijn schouders op en bleef glimlachend kijken naar de man die zo zijn best deed om hem weer tot leven te wekken.
Snelle stappen op de gang. De dokter die nachtdienst had, stormde naar binnen.
'Wat is het?'
'Hartstilstand. Ik geloof nooit dat ik het weer op gang krijg.'
Terwijl hij dit zei, bleef de verpleger onophoudelijk en ritmisch op Benjamins borstkas slaan. Intussen drukte de dokter een zuurstofmasker op de mond van Benjamin.
'Uch..., uch..., uch...'
Telkens als de verpleger op Benjamins hart drukte, pufte hij van inspanning.
'Niet zo hard', lachte Benjamin. 'Straks breek je mijn ribben nog.'
De harde, groene lijn op het schermpje, die eerst nog af en toe wat bibberde, bleef nu strak en onbewogen. Een kale pieptoon.
Benjamin gleed van de vensterbank en ging vlakbij het bed staan, naast de dokter.
'Ik denk dat je maar beter kunt ophouden. Ik ben dood.'
'Ik denk dat we maar beter kunnen ophouden', echode de dokter. 'Hij is dood.'
De verpleger richtte zich hijgend op.
'Onbegrijpelijk', zei hij. 'Hoe kan dat nu zo plots? Twee uur geleden was alles nog goed. Hij is gisteren van de intensieve verzorging overgebracht. Maandag mocht hij naar huis.'
De dokter zuchtte. Hij zette de apparaten af, zodat het piepen ophield en het opeens heel stil werd. Dan nam hij het beeldje van Kuifje dat naast Benjamins hoofdkussen lag in zijn hand, bekeek het even nadenkend en zette het toen behoedzaam op het nachtkastje tussen de autootjes.
'Hoe oud was hij?'
'Negen', antwoordde de verpleger.
'Tien!' zei Benjamin. 'Pas geworden. Groot feest geweest.'
'Bel jij zijn ouders?'
De verpleger knikte zwijgend. Benjamin had medelijden met hem.
'Ach, trek het je niet aan', zei hij. 'Ik heb toch een mooi leven gehad.'
'Zo kort', mijmerde de verpleger.
'Maar fel', besloot Benjamin.
Hij streek met zijn hand over de fuchsiakleurige vlieger die mama en papa voor hem hadden meegebracht en die aan een hoek van het bed hing.
'Alleen vliegeren had ik nog eens willen doen.'
'Tot straks. Doe jij het nodige?'
De dokter ging weg.
'Dag', zei Benjamin. 'En bedankt.'
De verpleger knikte.
'Tot straks.'


Benjamin ging weer op de vensterbank zitten. Het was nu helemaal stil in het ziekenhuis. Op de oranje-gele autoweg in de verte was het zelfs nu nog druk. De auto's zelf kon hij niet zien. Alleen de dubbele vlek van hun lichten die snel voorbijgleed.
'Net glimwormen', dacht Benjamin.
Hij probeerde te raden welke auto achter welke lichten schuilging, maar hij kwam niet verder dan een ruwe opdeling in vrachtwagens en personenwagens. De maan stond in haar laatste kwartier kaal aan de hemel. De sterren verbleekten in het gele natriumlicht. Behalve één heel heldere ster, laag bij de oostelijke horizon. Benjamin kneep zijn ogen halfdicht om haar beter te kunnen zien.
'Die lijkt wel splinternieuw', dacht hij.
Hij knipoogde en even leek het of de ster naar hem pinkte.
Benjamin wilde het raam openzetten, maar hij kreeg de kruk niet omhoog. Het was net of hij helemaal geen kracht meer had in zijn armen. Hij probeerde het nog eens. Toen het maar niet wilde lukken, ging hij op het bed liggen naast zijn lichaam en dacht na.
Het was me het weekje wel geweest. Het was ook allemaal zo vlug gegaan. Benjamin dacht aan die dag op school, vlak voor de paasvakantie, nog geen drie weken geleden. In de klas zat hij naar het bord te staren waarop grote, gekleurde cirkels verschenen. De stem van zijn juffrouw werd helemaal dun en wit. Hij kon niet meer verstaan wat ze zei, maar haar woorden klonken na alsof ze door een rioolbuis in zijn oor werden geschreeuwd. Plots stond ze heel dicht bij hem en vroeg wat er scheelde.
'Niets', had Benjamin gezegd. En toen was het over.
Tijdens het speelkwartier had hij op de bank gezeten, onderuitgezakt en moe. Wel tien van zijn vriendjes hadden hem gevraagd wat er scheelde, want dat waren ze van hem niet gewend. Hij had geen zin gehad om te ravotten. Hij had zich moe en lusteloos gevoeld.
Nu moest Benjamin erom lachen. Wist hij veel dat zijn hart er toen al genoeg van had en dat liet merken ook?
Hij draaide zich op zijn zij en keek naar zijn dode lichaam naast hem. Wat lag hij daar rustig, zijn ogen dicht, zijn lippen ietsje getuit. Zijn voorhoofd was wit en glom een beetje. Alsof er een heel dun laagje doorschijnende was op lag.
'Bleekscheet', zei Benjamin. 'Wat ben jij een bleekscheet!'
Hij proestte het uit en ging rechtop zitten om zijn bleke lijf beter te kunnen bekijken. Hij legde zijn hand een beetje aarzelend op zijn voorhoofd en schrok ervan hoe koud hij al was. Toch trok hij zijn hand niet terug. Hij streek ermee door zijn haar, traag en bedachtzaam, zoals hij dat duizenden keren gedaan had voor de spiegel. Hij drukte zijn wijsvinger op zijn borst als bij een aftelrijmpje.
'Iene miene mutte, Benjamin in de grutten.'
Benjamin bukte zich voorover en legde zijn oor op zijn borst. Dat had hij wel eens bij zijn vriendjes gedaan: luisteren naar elkaars hart. Benjamin glimlachte. Het bleef doodstil. Hij richtte zich weer op en ging verder met zijn aftelrijmpje:
'Iene miene neus, die nooit meer zal ruiken.'
De geur van kamperfoelie op een zomeravond, van stoofpot met konijn pruttelend op het vuur, de geur van de bibliotheek die uiteenvalt in duizend verhalen, de geur van verbrande benzine achtergelaten door een snelle wagen, de geur van door de zon gebakken bosgrond na een langverwachte regenbui.
'Iene miene mond, die nooit meer zal praten.'
Ik hou van je ik heb honger kom je mee spelen geef me een zoen kijk een torenvalk papa ik ga mee dank je wel hoe werkt dat fietsen om ter eerst ik ben moe ik wil beter worden. Woorden.
'Iene miene oren, die nooit meer zullen horen.'
Esther, die zingt op haar kamer. Het druppen van een lekkende kraan. Een muis die piept. De trein naar zee. Het huilen van de wind in april. De nachtegaal in de beemden achter het huis. Het fluisteren van een tekenpotlood op papier. 'Iene miene ogen, die nooit meer zullen zien.'
De zon, die rood en groot opkomt boven de mistige beemden. De film Daens met lieve Antje. De watervallen met de zon. Het gezicht van mama. Boeken, boeken, boeken.
'Nooit meer boeken lezen', mijmerde Benjamin. 'Ach, ik heb er al zoveel gelezen. Zoveel avonturen beleefd. Het is goed geweest.'
Op de gang klonk gegiechel van jonge meiden. Twee verpleegsters duwden de brede deur van de kamer open en liepen druk pratend naar binnen. De ene hield een paar handdoeken vast, de andere droeg een teil met heet water. Ze kwamen het lijk wassen.
Benjamin drukte nog een vluchtig zoentje op zijn eigen koude voorhoofd en sprong van het bed. Van op zijn geliefde plekje aan het raam keek hij naar de meisjes.


Duitse vertaling

Van Stilstaan bestaat ook een Duitse vertaling. Het boek heet in het Duits Adieu Benjamin. Het werd in 1997 al eens uitgegeven door Ars Edition GmbH in München. Nu is er een heruitgave als book-on-demand onder impuls van de Stiftung Paula Wittenberg. Deze Stichting zet zich in voor betere medische noodhulp voor kinderen. Van elk verkocht exemplaar gaat € 2 naar de Stichting.


Adieu Benjamin - Willy Schuyesmans en Carll Cneut Bibliografische Information der Deutschen Bibliothek
Die Deutsche Bibliothek verzeichnet diese Publikation in der Deutschen Nationalbibliografie; detaillierte bibliografische Daten sind im Internet über dnb.ddb.de abrufbar.

Willy Schuyesmans
Adieu Benjamin
Berlin: Pro BUSINESS 2005
ISBN 3-939000-13-2
1. Auflage 2005
© 2005 by Pro BUSINESS GmbH
Schwedenstraße 14, 13357 Berlin
Alle Rechte vorbehalten.
Produktion und Herstellung: Pro BUSINESS GmbH
Gedruckt auf alterungsbeständigem Papier
Printed in Germany.
www.book-on-demand.de
Titelbild: Carll Cneut


Adieu Benjamin - Willy Schuyesmans en Gesa Denecke CIP
Adieu Benjamin
Willy Schuyesmans; ill. Gesa Denecke
Vertaald uit het Nederlands door Siegfried Motzek
© Ars Edition, München, 1997 - 112 p.;
Känguru - Kinderroman
ISBN 3-7607-3753-6
Uitverkocht



Stilstaan op de planken

Eva NoellPaul Olbrich

Van de Duitse versie van Stilstaan werd een poppentheaterproductie gemaakt die onder de titel Adieu Benjamin toert langs Duitse culturele centra en scholen. De poppenspelers zijn Paul Olbrich en Eva Noell.
Het stuk ging in première op vrijdag 21 februari 2003 in Theater Waidspeicher en maakt nu deel uit van het repetoire van Erfreuliches Theater Erfurt. Hieronder enkele foto's.


Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell

Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell
Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell




Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell




Adieu Benjamin - Paul Olbrich en Eva Noell




Recensies

Soms gebeurt dat

Soms, dacht de vrouw bij zichzelf, soms dan open je een boek, en dan lees je niet gewoon het verhaal maar wel de binnenkant van de schrijver. En dan lijkt het of over de grenzen van papier en inkt heen, de schrijver je aanraakt. Soms dan ontdek je het stukje ziel wat hij in het boek heeft gestopt. Je herkent het, en omhelst het. Je leest en je huilt, niet omdat het zo verdrietig is, maar wel omdat je weet dat het waar is wat er staat. En dat jij niet de enige bent die het zo voelt.
Niks is daarna nog hetzelfde.
Je klapt het boek dicht en weet dat je rijker geworden bent.
En dat je het boek nooit meer vergeten zal.
Soms gebeurt dat.

Collega Inge Bergh op 20 november 2008 op haar duoblog Inge & Inge over Stilstaan

Verdriet in een mooi jasje

Er bestaan veel boeken over de dood. Zo'n boek zal je niet altijd een fijn gevoel geven, omdat de dood geen vrolijk thema is. Toch grijpen schrijvers het keer op keer aan, bijvoorbeeld om kinderen te helpen met het verwerken van een sterfgeval of gewoon omdat ze de dood een mooi onderwerp vinden om over te schrijven.
Willy Schuyesmans beschrijft in 'Stilstaan' het verhaal van Benjamin. Benjamin heeft echt geleefd. Hij was een jongen van 10 jaar die aan een hartstilstand is overleden. De ouders van Benjamin hebben de schrijver veel verteld. Zo kwam hij erop om een boek te schrijven over het leven én de dood van Benjamin. Hij koos voor een originele insteek, want in het boek kun je lezen over de dood door de ogen van Benjamin zelf. Benjamin ziet zichzelf doodgaan en maakt mee wat de mensen om hem heen meemaken.
De eerste zinnen uit het boek zijn alomvattend: "Ziezo", zei Benjamin. "Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil." Benjamin legt zich neer bij zijn dood. Hij vindt het zielig voor zijn ouders, die heel verdrietig zijn. Daarom is hij nog vaak bij ze en helpt hij ze bij de verwerking van het verlies. In het Land van Straks, waar je eerst terecht komt na de dood, krijgt Benjamin nieuwe vrienden. Met veel humor, maar toch ook een beetje verdrietig, beschrijft Schuyesmans het leven van de doden. Ze hebben lol, dansen met elkaar op het kerkhof en Benjamin maakt vrienden, zoals Fientje van eenentachtig en Kurt, die al jaren dood is.
Benjamin en zijn vrienden vervagen in het Land van Straks, omdat de nabestaanden het verdriet gaan accepteren. Dan pas vinden de doden rust. Fientje vervaagt snel, omdat zij oud is en weinig familie heeft, die nog aan haar denkt. Kurt is al jaren in het Land van Straks, omdat zijn ouders met niemand willen praten over het verlies van hun zoon. Zo kunnen zij het verdriet niet verwerken.
Schuyesmans beschrijft dit op een luchtige manier. Als lezer vind je dat de nabestaanden de dood van Benjamin snel moeten accepteren, omdat hij dan pas die verdiende rust krijgt. Maar waarom krijgt Benjamin niet meteen rust? Deze vraag blijft door het hele boek onbeantwoord.
Er is nog een boek verschenen over Benjamin, dat heet 'Weg van jou' en is geschreven door zijn oom, Werner Storms. Willy Schuyesmans heeft 'Stilstaan' geschreven in 1995 en in 2004 is het opnieuw uitgegeven.

Liselotte
Leesfeest 2004

Stilstaan

Begincitaat: "Ziezo", zei Benjamin. "Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil." Hij ging rechtop zitten in het ziekenhuisbed, keek even naar de aan- en uitflitsende rode lampjes en glimlachte. Het alarm gilde en hij hoorde stappen op de gang. Benjamin liet zich van zijn bed glijden, wierp een vlugge blik op zijn dode lichaam en ging toen bij het raam staan.
Benjamin is nog maar net tien geworden, het was een groot feest. Maar op een dag voelt hij zich futloos en moe. De anders zo levenslustige jongen belandt in het ziekenhuis. Maandag zou hij normaal naar huis mogen, maar hij haalt het niet: een onverwachte hartstilstand. Nog maar tien, maar zijn hart was al moe.
Benjamin komt terecht in het land van Straks: een wereld waarin je verblijft voor je de eeuwige rust kan vinden. Zolang de levenden op aarde je nog nodig hebben, verblijf je daar. Langzaamaan vervaag je en word je doorzichtig, naargelang de levenden je dood verwerken. Je wordt niet vergeten, maar het verdriet moet nog verwerkt worden.
Benjamin gaat nog regelmatig naar huis, op bezoek bij zijn mama, papa, zus Esther en Oom Arnout; Hij gaat ze goeiedag zeggen, steunt hen in hun verdriet, geeft ze een knuffel,... Maar het leven gaat verder, langzaam vervaagt hij en vindt hij de eeuwige rust.
In het land van Straks ontmoet hij ook verschillende mensen, de een al wat vager geworden dan de ander.
Gewoonweg een prachtig boek. Een zwaar onderwerp zou je zeggen: jawel, maar toch is dit boek op zo'n leuke, liefdevolle, open manier geschreven dat je er helemaal in meegezogen wordt, en het verdriet en de dood eens op een andere manier leert zien, vanuit het standpunt van de dode zelf.
Willy Schuyesmans kan alles op zo'n mooie manier vertellen, dat zelfs een thema als de dood iets moois kan zijn, waarbij dit boek zeker een aanrader is als jonge mensen met dit verdriet in aanraking komen.

Inge Dhondt
Pluizer (Klapper) 2004/3

Ingebonden

'Ziezo', zei Benjamin. 'Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil.'
Totaal onverwacht krijgt Benjamin op een dag een hartstilstand. Hij sterft en komt terecht in het land van Straks. Vol verwondering stapt hij uit het ziekenhuisbed en kijkt. Naar zijn eigen lichaam, naar de dokter die hem tevergeefs weer tot leven tracht te brengen, naar zijn ouders en zijn zus Esther die afscheid van hem nemen.
Willy Schuyesmans neemt afscheid op een heel ongewone manier. Samen met Benjamin vertelt hij een bijzonder aangrijpend verhaal. Vol hartverwarmende gebaren, moeilijke stiltes, maar ook vol blije herinneringen en een vrolijke schaterlach. Over doodgaan en rouwen, loslaten en liefhebben.

KAJ-XXL 2004

Stilstaan

Benjamin is tien en sterft aan een hartstilstand. Verbaasd kijkt hij naar zijn dode lichaam in het ziekenhuisbed. Hij kijkt naar zijn ouders en zus die afscheid van hem komen nemen. Hij praat met hen, maar zij horen hem niet. Benjamin komt in het land van Straks terecht. Daar ontmoet hij nieuwe mensen en sluit er nieuwe vriendschappen. Ze bouwen feestjes op het kerkhof. Sommige doden zijn al erg vaag, anderen zijn nog heel goed zichtbaar. Benjamin keert ook vaak terug naar huis. Hij wil zijn familie omarmen, knuffelen, troosten. Tot ook hij op een dag begint te vervagen...
Het boek heeft een moeilijk thema maar wordt vanuit een originele invalshoek benaderd. Het verhaal wordt verteld door Benjamin, het dode kind, dat als een geest blijft rondhangen in de buurt van zijn familie. Het letterlijke vervagen van de doden is een mooie metafoor voor het kunnen loslaten van de levenden. Zolang deze de dood niet hebben verwerkt, blijven de doden als schimmen ronddwalen in het land van Straks. Het boek leest vlot, is nergens overdreven emotioneel maar raakt de lezer wel heel diep. Een absolute aanrader.

Inge Umans
Pluizuit juni 2004.

Stilstaan

Voor de jongere tieners is dit boek een ontroerend verhaal van een jongen, Benjamin, die op tien jaar een hartstilstand krijgt en doodgaat. Als in een sprookje komt hij terecht in het land van Straks. Hij bleeft zijn eigen dood doorheen zijn geest die afscheid neemt van zijn eigen lichaam en van de entourage van het jongetje dat hij was. Hij beleeft de pijn en de smart die zijn eigen familieleden ondergaan, maar tegelijkertijd maakt hij ook kennis met andere bewoners van het land van Straks. En dit lijkt nog heel goed mee te vallen. Uiteraard kan hij zijn vroeger bestaan niet gemakkelijk lossen, en met grote tederheid keert hij nog vaak terug naar zijn ouders en zusje, om hen bij te staan en te troosten. Afscheid nemen is inderdaad niet eenvoudig. Maar blijkbaar is de verwerking beter dan verwacht, want hij begint stilaan meer en meer te vervagen. Het is een vertederende confrontatie met de dood en de verwerking van pijn, het leed dat men kan beleven bij het heengaan van een geliefde. Het is een mooi verhaal, een sprookje, dat het dragen van dit verlies wat moet verlichten. En het is een feit dat kinderen van deze leeftijd nood hebben aan eenhulp bij de verwerking van het verlies van een dierbare. Een modern sprookje met een praktische inslag.

KBC-website
2004.

Stilstaan

Bijzonder boek (herdruk) over de dood en de verwerking daarvan. Als Benjamin plotseling overlijdt aan een hartafwijking treedt hij uit zijn lichaam en maakt in die hoedanigheid mee hoe zijn ouders en zijn zus met hun verdriet omgaan. Benjamin heeft het naar zijn zin in het Land van Straks, maar zolang zijn familie nog zo verdrietig is, bezoekt hij hen (onzichtbaar) regelmatig.

Leesgoed
juni 2004.

Voor jongeren

Totaal onverwacht krijgt de 10-jarige Benjamin op een dag een hartstilstand. Hij sterft en komt terecht in het land van Straks.
De auteur neemt afscheid op een heel ongewone manier. Samen met Benjamin vertelt hij een bijzonder aangrijpend verhaal. Vol hartverwarmende gebaren, moeilijke stiltes, maar ook vol blije herinneringen en een vrolijke schaterlach.
Over doodgaan en rouwen, loslaten en liefhebben.

Rouwzorg Vlaanderen
juni 2004

Rouwverwerking

Over de dood gaat het in Stilstaan van de Vlaming Willy Schuyesmans. Evenwel niet op de traditionele manier, waarbij alleen verteld wordt over het verdriet van de achterblijvers. Dat kom hier ook aan de orde, maar dan zeer bijzonder. De mate waarin familie en vrienden het verdriet adequaat verwerken, geeft aan de doden de gelegenheid voor hun eigen verwerking.
Het boek werd reeds eerder uitgegeven, maar bleef in Nederland vrij onbekend. In Vlaanderen moet het behoorlijk verkocht zijn, het beleeft met deze uitgave namelijk zijn vierde druk.

Friesch Dagblad
31 maart 2004.

Afscheid voor altijd

De 10-jarige Benjamin overlijdt onverwacht in het ziekenhuis waar hij met hartklachten werd opgenomen. Zelf vindt hij zijn dood blijkbaar niet zo erg, maar hij schrikt wel van de reactie van zijn ouders en zijn zusje. Zijn geest zit naast zijn dode lichaam en obeserveert wat er gebeurt. Na de begrafenis maakt hij op het kerkhof kennis met een heleboel andere doden. Het is er helemaal niet zo'n dooie boel: er worden grapjes gemaakt en vriendschappen gesloten. De doden moeten de levenden met hun nabijheid troosten en helpen om hun verdriet te verwerken. Pas dan kunnen ze langzaam vervagen, doorschijnend worden en uiteindelijk volledig oplossen in de eeuwigheid. Zo wacht kurt, een verkeersslachtoffer, al zeven jaar tot zijn ouders eindelijk beginnen zijn dood te aanvaarden.
Na zowat een jaar heeft Benjamins familie hun verlies grotendeels verwerkt, de pijn is draaglijk geworden en ze kunnen hem nu loslaten en verder gaan met hun leven. Het hele proces van sterven, rouwen en loslaten wordt op een haast journalistieke wijze bescheven vanuit het standpunt van de overledene. Een humoristische noot ontbreekt niet en draagt bij tot de originaliteit van dit aangrijpende boek. De eerste uitgave verscheen in 1995 bij Altiora; het is alleen toe te juichen dat dit troostrijke boek opnieuw beschikbaar is.

Afscheid voor altijd
Keuzelijst deel 1

Leestips

Stilstaan van Willy Schuyesmans beleeft zijn vierde druk. Het verhaal beschrijft een rouwproces vanuit een originele invalshoek: door de ogen van het dode kind, dat als een soort geest in de buurt blijft rondhangen. In een zorgvuldige stijl en niet te zwaar op de hand danst Schuyesmans op het slappe koord van het tragikomische. De gevoelige scènes zijn zuiver uitgewerkt, slechts zelden klinkt een zin iets te sentimenteel. Hoewel een of twee hilarisch bedoelde scènes licht gechargeerd overkomen, de dosering van het tragische en het komische ongelijk verdeeld is over het boek en er wel eens met het vertelperspectief gemorst wordt, is het toch een genietbaar boek voor 11+, met als boodschap dat je verdriet om een gestorvene pas te boven komt als je leert erover te praten.

Ed Franck
Standaard der Letteren
11 maart 2004

Van lijden en dood - Kinder- en jeugdboeken

(...)
Ouders lezen zijn boekje wel best vooraf, want het weekt vele vragen los.
Dat geldt ook voor Stilstaan van Willy Schuyesmans. Benjamin is pas tien als hij sterft - of beter: als zijn lichaam sterft. Want Benjamin leeft met het verdriet van zijn ouders en zus mee. Op het kerkhof maakt hij kennis met andere doden: het begin van knettergekke én intrieste toestanden. ontroering, poëzie en humor wisselen elkaar in zo'n razend tempo af dat je er stil van wordt. De ondertoon blijft sterven en rouwen, liefhebben en loslaten. Want op een dag merkt ook Benjamin dat hij doorzichtig wordt en vervaagt...
(...)
Iny Driessen

Kerk en Leven - 14 februari 1996

Stilstaan - Willy Schuyesmans

"Hoi, Benjamin, en... een beetje leuke begrafenis gehad?"
De andere, doden lachten ongegeneerd om zo'n goede mop.
"Ging wel", zei Benjamin, "Het is allemaal nog zo nieuw."
Precies die dag is Benjamin begraven. Willy Schuyesmans schreef met Stilstaan (+ 10 jaar) een niet alledaags verhaal over doodgaan en rouwen. Benjamin is 10 als hij aan een hartstilstand overlijdt. Maar zo erg lijkt hij het allemaal niet te vinden. Zijn geest is nog klaarwakker en zit naast zijn dode lichaam te kijken naar wat er allemaal gebeurt. Hoe de verpleegsters hem wassen, hoe traag de lijkwagen rijdt, hoeveel mensen er naar zijn begrafenis komen, ...
Inderdaad, een erg luguber uitgangspunt voor een kinderboek. Wat volgt is evenwel een sereen, bij wijlen ontroerend maar altijd optimistisch verhaal over afscheid nemen. Een dikke pluim voor Schuyesmans!

Wij (VU) - 18 januari 1996

Stilstaan - Willy Schuyesmans

De tienjarige Benjamin sterft na een hartstilstand en komt in het land van Straks, het land bij het kerkhof waar alle pas gestorvenen aankomen. In dit land helpt hijz ijn vader, moeder, zusje en anderen bij de verwerking van zijn dood. Zijn geest zweeft door de ruimte en beïnvloedt het denken en handelen van zijn familieleden. Langzamerhand wordt hij steeds doorzichtiger (voor de doden) totdat hij uiteindelijk helemaal verdwijnt: het rouwproces heeft geleid tot acceptatie van zijn dood door de nabestaanden. Een bijzonder jeugdboek waarin op lichtvoetige en zeker ook humoristische wijze het proces van sterven, rouwen en loslaten wordt belicht. De twee werelden (levenden en doden) loopen nogal eens door elkaar, hetgeen tot verwarring kan leiden. Symbolische, kleurige omslagtekening. Dit goed geschreven verhaal kan zeker een funktie vervullen in rouwprocessen. Vanaf ca. 10 jaar.
Marij van de Ven

NBLC 1996

Stilstaan - Willy Schuyesmans

In de wereld van de volwassenen is de dood nooit veraf, en bij de jongeren is het niet anders. Willy Schuyesmans en Jaak Dreesen, twee vermaarde Vlaamse jeugdauteurs, doen er bijna gelijktijdig een boekje over open. Of sterven dan echt kinderspel is, zoals Willy Schuyesmans schrijft?
Ziezo, zei Benjamin. Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil. Met deze lakonieke openingszin nevelt Willy Schuyesmans een vleug humor in de wereld aan de overkant. Meteen is ook de toon gezet van Stilstaan, Schuyesmans' jongste boek waarin doden en levenden bijna schouder aan schouder tussen de regels rondwaren. Want ook de doden moeten met hun dood en het daaraan verbonden leven leren leven. Schuyesmans maakt van de doden bijzonder levende wezens, die grappen maken (Hallo, ik ben Angela. Vorige week verdronken tijdens een weekendje aan zee. En jij? Hartstilstand), troosten (Je moet niet huilen, mama. Ik ben nu beter) en treurig zijn (Toen ze klaar waren, ging Benjamin boven op het heuveltje van verse aarde zitten. Voor het eerst sinds hij dood was, voelde hij zich bedroefd). De auteur laat de doden leven tot de levenden hun doden niet meer nodig hebben, dan vervagen die tot ze helemaal doorschijnend worden en ten slotte oplossen. Dat houdt geen vergeten in. Het betekent alleen maar dat ze het al een beetje verwerkt hebben, dat ze de ergste pijn hebben gestild. Om de doden hun leven te gunnen is moed nodig. Zo zal Kurt, Benjamins vriendje op het kerkhof, pas kunnen vervagen wanneer zijn ouders de onaanvaardbare dood omzetten in een aanvaardbare dood. 'Hoor je dat? Eindelijk praten ze. Weet je dat wat dat voor mij betekent? Na zeven jaar beginnen ze het eindelijk te verwerken. Eindelijk! Is dat niet mooi?'
Paul de Moor

Het Volk - 23 november 1995

Het taboe voorbij - Serene jeugdboeken over de dood

(...)
In drie andere boeken wordt de jonge hoofdfiguur rechtstreeks met de dood gekonfronteerd. Ik moet heel stil zijn van Karel Verleyen behandelt de verdwijning en de gewelddadige dood van een jong kind. Robbie wordt meegelokt in het stadspark en later dood aangetroffen. Zijn vriendinnetje Mirjam mist hem, maar de grote mensen doen vreemd en ontwijken haar vragen. Tot ze zelf ontdekt wat er is gebeurd.
Jammer dat dit aktuele onderwerp ondermaats werd uitgewerkt. Het verhaal is te lang uitgesponnen en door de gekozen invalshoek - Mirjam vertelt - bij momenten ook vrij warrig. De auteur slaagt er niet in om naast het meisje Mirjam levensechte personages neer te zetten.
Stilstaan van Willy Schuyesmans verrast door zijn originaliteit. De auteur volgt het tienjarige jongetje Benjamin, dat in het ziekenhuis vrij onverwacht sterft aan een hartstilstand. Door de ogen van de gestorven Benjamin kijkt de lezer naar de rituelen die bij dat afscheid horen: het wassen van het lijkje, het verwittigen van de ouders, de tocht naar het mortuarium, de lijkdienst, de begrafenis.
Schuyesmans vindt de juiste toon om met speelse ernst over sterven te schrijven. Het ongewone perspektief laat toe om moeilijke vragen op te lossen, die anders misschien worden verdrongen. Doodgaan wordt in dit boek als een proces beschreven. Het duurt zolang vooraleer de mensen het afscheid hebben verwerkt. De gestorvenen leven hun eigen leventje in en hij het kerkhof, ze bezoeken de achtergeblevenen en proberen hen, vaak onbeholpen, te troosten. Maar pas als het verdriet is verwerkt, kan de dode rust vinden. Schuyesmans laat hem vervagen en zijn intrek nemen in de eeuwigheid.
Dit boek heeft een duidelijk religieuze ondertoon. Net als Piumini nodigt Schuyesmans de lezers uit na te denken over de dood. De gestorven Benjamin is springlevend en vindt zijn eigen dood zo vanzelfsprekend dat ook de jonge lezer de angst misschien wat opzij kan zetten.
Ingewijden weten dat achter dit boekje een kleine moedige jongen schuilgaat, die in het UZ Gasthuisberg stierf aan een hartstilstand. Het verhaal is trouwens opgedragen aan zijn zus Ruth.
(...)
Rita Ghesquiere

Standaard der Letteren - 2 november 1995

Willy Schuyesmans - Stilstaan

Benjamin wordt kort na zijn 10de verjaardag plotseling met hartklachten opgenomen in het ziekenhuis en sterft er. De openingszin zet meteen de toon: "Ziezo. zei Beniamin, Nu ben ik dood. Mijn hart staat stil." Op een nuchtere toon beschrijft de auteur vervolgens hoe Benjamin uit zijn lichaam stapt en de hele beroering rond zijn dood en begrafenis observeert. Mama, papa, zus Esther, oom Arnout en opa reageren geschokt en verdrietig maar Benjamin is hen nabij. Hij volgt zijn familieleden, die vaak het gevoel hebben dat hij nog in de huurt is, die met hem praten of dingen doen die hij leuk vond. Vooral de eerste dagen voelt hij zich nog heel intens met hen verbonden. Na de begrafenis leert hij op het kerkhof andere doden kennen: de bewoners van het land van 'Straks', die slechts langzaam vervagen en oplossen naargelang de levenden nog aan hen denken. Benjamin bezoekt zijn familie nog wel, maar stilaan proberen zij, elk op hun manier, hun verdriet te verwerken. Soms vervagen de doden snel, zoals bij het oude vrouwtje Fientje; soms blijven ze ronddwalen, zoals bij het jonge verkeersslachtofter Kurt. Na een jaar heeft Benjamins familie het verlies grotendeels verwerkt. Ze laten hun geliefde dode los - al blijft hij leven in hun herinnering - en kijken weer vooruit naar de toekomst.
Het verhaal is dus geschreven vanuit de ongewone, vreemde invalshoek van een dode jongen. Dit vertelstandpunt wordt wel enkele malen doorbroken door een gedachtenstroom van zijn mama, door brieven van een vriend en van zijn mama. Benjamin bekijkt zijn eigen dood bijna technisch, vrij koel en afstandelijk. Het is bv. opvallend dat de jongen geen zweem van spijt of opstandigheid vertoont. In de tweede helft van het boek komt het verwerkingsproces van de familieleden nadrukkelijk aan bod. Hier schuift de boodschap van het verhaal soms te sterk naar voren. Het procédé om de herinnering aan overledenen te concretiseren in het land van 'Straks' is nuchter en met gevoel voor ironie uitgewerkt. Toch blijft het enigszins artificieel aandoen. Het hele boek ontkomt m.i. niet echt aan dit euvel. Soms zijn er wel sterke momenten. bv. in de beschrijving van Benjamins relatie met zijn zus Esther of wanneer het verdriet verbonden wordt met de beschrijving van omgevingselementen uit de natuur. Sterven, rouwen en het verwerken van verdriet worden hier overwegend op een nuchtere, journalistieke toon als een casestudie beschreven. Resultaat is een bevreemdend verhaal dat intensiteit mist.
Ria de Schepper

Leesidee 1995

Willy Schuyesmans - Stilstaan

Benjamin is net tien geworden als hij sterft aan een hartstilstand. Zijn geest verlaat zijn dode lichaam en is blij eindelijk verlost te zijn van die verschrikkelijke vermoeidheid. Benjamin is dan ook erg verwonderd dat zijn mama, papa en zusje zo verdrietig zijn. Hij voelt zich veel beter nu! Hij ontmoet Fientje, een oud vrouwtje dat de dag voordien gestorven is. Op het kerkhof leert hij nog vele andere doden kennen. Elke avond keert hij naar zijn familieleden terug om hen te troosten. Naarmate zij hun verdriet verwerken en de pijn draaglijk wordt, kan Benjamin 'vervagen' en tenslotte verdwijnen. Willy Schuyesmans schreef een aangrijpend jeugdboek over sterven, rouwen en loslaten voor lezers vanaf tien jaar.

De Jommekeskrant - 25 oktober 1995

 
Home Foto's 101 vragen Lezingen Bibliografie Biografie Fanmail