|
Nieuwste boeken
De winter van de Belgica

Stilstaan 
Antigone's keuze

Natuur
De bende van de mol

Brand in de Tikkebossen
Tand om tand
Braam
De huilers
De zilverrug
Morgen dood ik een leeuw
Leven, liefde en dood
Stilstaan

Middernachtzonde

Ariadne

Jan zegt nooit wat
Kwikloks
Mythe en geschiedenis
Ariadne

De ogen van de tiran
Antigone's keuze

De winter van de Belgica

die Keure
Kameleonbieb 6
zesde leerjaar
Dian Fossey: Mama Gorilla
Arm en rijk
De grote ontgoocheling
Morgen dood ik een leeuw
Mayan en Mallerik
Verhalen
Blokbeest
Bye bye my summerlove
Verkeershinder
De toner
Hondsroos
Tropisch paars
De groene ridder
Drup, Drop en Drets
De kunstenmaker
Het pakhuis
Op safari in de stad
|
|
|
Morgen dood ik een leeuw
CIP
Morgen dood ik een leeuw
Willy Schuyesmans; ill. Geerlinde Verbrugge
© die Keure, Brugge, 32p.;
2011
24 cm
Kameleon-reeks 6e leerjaar, thema 8 Boek 4 F
ISBN 978-90-4860-352-7
NUR 191
CIP
Morgen dood ik een leeuw
Willy Schuyesmans; ill. Geert Reinders
© Uitgeversmaatschappij J.H.Kok b.v., 64
p.;
1996
22 cm
Klipper-reeks
ISBN 90-392-5392-7
NUGI 140/221
AVI 7
Brus 60-70
Doelgroep: vanaf 12 jaar
Trefw.: jeugdboeken; verhalen; reizen
De Klipper-boeken zijn ook op cd verkrijgbaar.
Klipper Plus bevat begeleidend materiaal per boek.

Lelian en Leeyo zijn Masaï-jongens.
Lelian is verliefd op Tikako, maar zij is het meisje van de krijger Senteu.
De jongens worden krijgers en gaan op reis.
Als ze terugkomen, is Senteu vertrokken.
Hij heeft Tikako gedwongen om met hem mee te gaan.
Waar is Tikako en wat zal Lelian doen?
Dit is een makkelijk lezen-boek
Fragment
Engai had drie zoons.
Aan de eerste gaf Engai een pijl. Daarom werd hij een jager.
Aan de tweede gaf Engai een hak. Daarom werd hij een boer.
De derde zoon heette Natero Kop. Aan hem gaf Engai een koe. Zo werd Natero Kop een herder. Hij was de eerste Maasai.
Zo werd Engai de God van de Maasai.
In Afrika wonen de Maasai. Ze zijn zwart, groot en sterk. Ze wonen met
hun koeien in de natuur.
Koeien betekenen heel veel voor de Maasai. Wie koeien heeft, is rijk.
In het land van de Maasai leven ook wilde dieren. Die lusten wel een koe.
Koeien worden dus goed bewaakt. Vooral tegen leeuwen.
Elke Maasai-jongen droomt ervan krijger te worden. Een krijger is jong.
Een krijger is sterk. Een krijger heeft een speer.
Je wordt niet zomaar krijger bij de Maasai. Alleen wie moedig genoeg is,
kan krijger worden. Om zijn moed te bewijzen, moet een jongen eerst een
leeuw doden. Pas dan is hij een echte krijger.
De Maasai leven nog bijna net als vroeger. Ze wonen in lemen hutten. Ze
trekken rond met hun kudden. En ze houden heel veel van hun mooie land.
Lelian wil krijger worden
Lelian staat op een been. Als een reiger staat hij. Hij leunt op zijn stok
en kijkt naar de zon. Dat doet Lelian elke avond. Hij kijkt tot de zon helemaal
rood is.
Dan wandelt hij traag naar huis. Naar de kraal. De koeien volgen hem. Hij
drijft ze in de kraal. Dan sluit hij de ingang af met takken.
Het is fris nu. Lelian trekt de rode deken over zijn schouders. Hij kijkt
naar de kinderen. Ze spelen in de modder tussen de hutten. Een klein meisje
zit naakt in de modder. Ze kneedt een popje van modder en mest. Lelian lacht
haar toe. Dan loopt hij naar de hut van zijn moeder.
Er staan acht hutten rond de kraal. Ze zien er allemaal gelijk uit. De vrouwen
hebben ze gemaakt. Ze hebben takken gesneden. Die hebben ze in de grond
gestoken. Dunne twijgen hebben ze tussen die takken gevlochten. En ten slotte
hebben de vrouwen er modder op gesmeerd. Dikke lagen modder, gemengd met
mest.
Lelian bukt zich en gaat naar binnen. Zijn moeder zit op de grond en kookt.
Het is donker in de hut. Het vuur geeft weinig licht, maar veel rook. De
rook prikt Lelian in de ogen. Heel even maar. Hij is het gewend. Toch knippert
Lelian telkens als hij de hut binnen komt.
Moeder geeft hem een kom melk. Lelian slurpt de melk gretig naar binnen.
Hij is de hele dag buiten geweest. Zo is het leven van een herder. Hij drinkt
nog een slok. Het smaakt hem goed. Een straaltje melk loopt langs zijn kin
en drupt op zijn borst. Met zijn arm veegt hij het weg.
Lelian gaat languit op het lage bed liggen. Hij denkt na. Binnenkort wordt
hij besneden. Dan kan hij eindelijk krijger worden. Hij lacht. Maar hij
is ook een beetje bang. Krijgers zijn moedig. Ze moeten vechten. Ze moeten
de mensen en de koeien beschermen. Tegen leeuwen bijvoorbeeld. Lelian weet
niet of hij wel moedig genoeg is. Zou hij een leeuw durven doden? Zou hij
het kunnen? Met alleen maar een speer? Lelian droomt dat hij het durft.
|
|
|
|
|