CIP
Dian Fossey: Mama gorilla
Tekst en foto's: Willy Schuyesmans
© die Keure, Brugge, 32p.;
2011
24 cm
Kameleon-reeks 6e leerjaar, thema 3 Boek 2 NF
ISBN 978-90-4860-352-7
NUR 191
Je kent de gorilla vast wel, die grote mensaap. Bijna alles wat we over deze bijzondere dieren weten, hebben te danken aan het werk van Dian Fossey.
Zij bestudeerde achttien jaar lang de gorilla's in het Afrikaanse land Rwanda. In dit boekje kom je meer te weten over haar leven en werk, en natuurlijk ook over haar favoriete dieren.
Achttien jaar tussen de gorilla's
Bijna alles wat we over gorilla’s weten, hebben we te danken aan een mevrouw die achttien jaar lang tussen deze mensapen heeft gewoond. Dian Fossey – zo heette ze – was een Amerikaanse kinderverzorgster die al jaren van Afrika droomde. Met geleend geld trok ze in 1963 naar Congo waar ze tijdens een safari voor de eerste keer gorilla’s zag. Die eerste keer vergat ze nooit meer. Glurend door het struikgewas zag ze voor het eerst die grote zwarte dieren, die haar allang hadden opgemerkt en haar even nieuwsgierig bekeken. Haar besluit stond meteen vast: hier op die mistige vulkanen van de Virungaketen wilde ze komen wonen om er elke dag naar de gorilla’s te gaan kijken en te weten te komen hoe die machtige dieren daar leefden.
Tijdens diezelfde reis ontmoette Dian Fossey in Tanzania de onderzoeker Louis Leakey. Die was in Oost-Afrika op zoek naar overblijfselen van de eerste mensen. Omdat hij vermoedde dat mensen en mensapen nauw met elkaar verwant waren en zich misschien ook wel op eenzelfde manier gedroegen, had hij drie jaar eerder een jonge Engelse vrouw Jane Goodall naar het Gombe-reservaat in Tanzania gestuurd om er tussen de chimpansees te gaan wonen en hun gedrag te bestuderen. Toen Dian Fossey dat hoorde, stelde ze hem meteen voor hetzelfde te gaan doen bij de gorilla’s. Dat zag Dr. Leakey wel zitten, want over het gedrag van gorilla’s wisten we nog veel minder dan van de chimpansees.
Het duurde nog tot 6 januari 1967 eer Dian haar droom in vervulling zag gaan. Op die dag klom ze met een paar zwarte helpers twaalfhonderd meter hoog de Mikenovulkaan op waar ze haar kamp opsloeg op de Kabara-weide, midden in het gebied waar de gorilla’s woonde. Ze hoorde ze algauw brullen in het woud en een paar dagen later zag ze een in de zon rustende gorilla. Die ging er echter als de bliksem van door toen hij haar opmerkte. Het zou nog weken, zelfs maanden duren voor ze de gorilla’s echt kon benaderen. Uiteindelijk had ze toch een drietal groepen gevonden in het gebied rond haar kamp.