Verkeershinder
© Willy Schuyesmans, 1989
Als Mariella die vrijdagochtend wakker wordt, weet ze natuurlijk niet
dat dit de laatste keer is. Ze geeuwt, rekt zich uit als een jong dier,
trekt haar omhooggekropen nachtjapon naar beneden en kijkt met half dichtgeknepen
ogen naar de wekker. Kwart over zes. Warrige slierten droom waaien nog
rond in haar gedachten als papiersnippers op een winderig binnenpleintje.
Ze knijpt haar ogen stijf dicht en knipt het licht aan. Vrijdag, denkt
ze. Weekend in zicht. Paul in de club. Ze glimlacht. Vrijdag heeft een
smaak van bijna.
Mariella gooit de dekens weg en gaat rechtop zitten. Ze huivert, strijkt
met het kippevel van haar arm over haar wang en zucht. Gordijnen open.
De zon op horizon. Ze kijkt naar de schaduwen van de populieren, drie
keer langer dan de bomen zelf. De fietser op de weg schuift achter zijn
ovalen wielen aan. Het regent in de douche. De druppels parelen op haar
gulzige lijf en terwijl ze met de ruwe handdoek haar schouders warmwrijft,
denkt ze aan Paul. Een warm wolkje van Mams parfum in haar hals. Ze kamt
haar haren, lang en golvend. De spiegel is haar vriend. Ze praat tegen
hem en lacht. De kleerkast is een oerwoud en kiezen het moeilijkste wat
er is. Mariella weifelt en twijfelt. De jurk die ze kiest past bij zon
en stemming. Ze knoopt ze dicht met trefzekere vingers en schrikt van
haar te snelle horloge.
De keukentafel is gedekt. Dag, Mams. Zeker, Mams. Maak jij mijn boterhammen
klaar? Ik ben vanavond later thuis. Jazzballet. He, is het al zo laat.
Geef Paps een zoen van me. Natuurlijk zal ik voorzichtig zijn.
Op de fiets bolt haar jurk op. De wind strijkt over haar dijen. Mariella
trapt snel en zeker. Twintig minuten fietsen naar de school. De baan is
druk, maar tussen het zoeven van de auto's hoort ze een driftige koolmees.
Het is alsof heel diep in haar iets moois geboren wordt. De kriebels in
haar buik. Ze zou wel willen zingen, maar ze neuriet. Een blije melodie
van een handvol lentes. De zon perst vuurwerk door het dichte bladerdek
en voorbijflitsende chauffeurs kijken verwonderd naar haar opwaaiende
haren in tegenlicht. Mariella jubelt van ingehouden blijdschap.
En dan is er die vrachtwagenchauffeur die gisteravond laat in Duitsland
is vertrokken en de hele nacht heeft doorgereden. Hij is bijna thuis.
Nog veertig kilometer slechts. Hij denkt aan zijn vrouw en aan zijn zoontje
van vier, met wie hij later wil voetballen en die ook vrachtwagenchauffeur
wil worden, al zegt zijn vader hem elke keer weer dat hij dat niet moet
doen. Hij is moe nu van het lange rijden door de nacht en het warme gebrom
van zijn machine heeft hem moe en week gemaakt en kwetsbaar. Hij heeft
een beer bij voor zijn zoontje, denkt hij nog. Een gele. En tegelijk vallen
zijn ogen dicht.
Mariella ziet de vrachtwagen dichterbij komen. Hij gaat de witte lijn
over die als een hulpeloos lint de weg eerlijk in twee verdeelt. Dat gaat
niet goed, denkt ze nog. Ik moet hier weg. Maar het is of haar handen
niet meewillen. Of het stuur niet meer kan draaien. Dat kan niet, denkt
ze. Dat gebeurt mij niet. Ik droom. Ze doet haar lippen van elkaar en
schudt bijna onmerkbaar nee. De vrachtwagen is groen. Het groen van mijn
jurk denkt ze nog. Maar groter en sterker.
De vrachtwagen is nu een groene jurk die opwaait tot een ballon. Dan
is de hele wereld groen. Mariella strekt haar armen, als wil ze de ballon
omarmen. Ze kust hem met een trage kus. Mariella weet niet half hoe breekbaar
ze is. Wat drukt daar toch zo hard op haar voorhoofd? Ze voelt hoe haar
huid zich volzuigt met haar bloed. Splinters denkt ze. En Paul die morgen
in de club is. Ze moet hem iets laten weten. Een meisje dat verloren loopt
op de dijk van Oostende. Mams, ik ben zo bang. De kerstboom in brand en
alle kinderen huilen. En huilen. En huilen. En de schommel gaat zo hoog.
Het kriebelt in mijn buik. Ik val. Nooit is die toren zo hoog geweest.
Mijn groene jurk wordt nu... vast vuil... de koolmees op en ... neer op
en ... wie wil ... mijn boterhammen natuurlijk ... de zon ... Paul.
Op de radio waarschuwt een verveelde stem voor filevorming wegens ongeval.
De hinder zal nog minstens twee uur duren.
|