|
Nieuwste boeken
De winter van de Belgica

Stilstaan 
Antigone's keuze

Natuur
De bende van de mol

Brand in de Tikkebossen
Tand om tand
Braam
De huilers
De zilverrug
Morgen dood ik een leeuw
Leven, liefde en dood
Stilstaan

Middernachtzonde

Ariadne

Jan zegt nooit wat
Kwikloks
Mythe en geschiedenis
Ariadne

De ogen van de tiran
Antigone's keuze

De winter van de Belgica

Verhalen
Blokbeest
Bye bye my summerlove
Verkeershinder
De toner
Hondsroos
Tropisch paars
De groene ridder
Drup, Drop en Drets
De kunstenmaker
Het pakhuis
Op safari in de stad
|
|
|
De ogen van de tiran
De Oedipus van Sophocles
De ogen van de tiran is uitverkocht bij de uitgever. De auteur heeft echter nog enkele gesigneerde exemplaren te koop voor de prijs van 12 euro, verzending binnen België inbegrepen.
Ben je nog op zoek naar een van de laatste exemplaren van De ogen van de tiran, stuur dan een mailtje naar willy@schuyesmans.be en vermeld erbij aan wie het boek moet worden opgedragen. |
CIP
De ogen van de tiran
De Oedipus van Sophocles
Willy Schuyesmans
Omslagillustratie: Jan de Maesschalck
© Uitgeverij Altiora
Averbode, 2002
96 blz.
14 X 21 cm
D/2002/39/57
ISBN 90-317-1793-2
Prijs: € 12,50
Gebonden
Doelgroep: vanaf 14 jaar
Trefw.: Griekenland, klassieker, Oedipus
Thebe sterft aan de pest. Alleen koning Oedipus kan de stad redden als hij
de man vindt die de vorige koning Laios heeft gedood. Dat heeft het goddelijk
orakel gezegd. Oedipus spreekt een vloek uit over de moordenaar, maar beetje
bij beetje lijkt die vloek op zijn eigen hoofd terecht te komen.
In dit klassieke toneelspel van Sophocles - hier als verhaal verteld - krijgt
Oedipus te horen dat de noodlottige voorspelling waar hij al zijn leven
lang voor op de vlucht is, toch uitkomt: hij heeft zijn vader vermoord en
met zijn moeder geslapen.
Fragment
De stank en het gemurmel waren het moeilijkst te verdragen. De lijkreuk
lag 's nachts als een verstikkende deken over de stad en niemand die de
onbegraven doden durfde aan te raken. Wie stierf, werd op zijn beddengoed
naar buiten gesleept. Soms wachtte men niet eens tot hij dood was, maar
liet hem stervend achter op de stoep. Mannen, vrouwen, kinderen, hun naakte
lijven zwart met etterende builen. Ze bleven liggen tot ze in de genadeloze
middagzon gistend uit elkaar spatten.
In het begin haalden de doodgravers de lijken 's ochtends op. Maar toen
ook zij in hun oksels en hun liezen de zwarte zwelling merkten, vluchtten
ze de stad uit, vruchteloos hopend zo nog aan de dood te ontkomen. Wie
nog gezond was, hield zijn adem in of sloeg een natte doek voor zijn mond
als hij de straat op moest.
Haast nog moeilijker te verdragen, was het murmelen dat dag en nacht opborrelde
uit de vele tempels op en rond de markt en op de heuvels rond de stad.
Het was afkomstig van radeloze, kromgegroeide vrouwen die hun kinderen
en hun man hadden zien sterven en alleen nog heil verwachtten van de oliepitten
en de wierook op de zwartgeblakerde altaren van de goden. Hun knieën bloedend
van het schuiven over onbehouwen tempeltrappen, hun lippen onophoudelijk
en onwillekeurig bewegend, niet meer in staat ze stil te houden na zoveel
maanden prevelen, bidden, smeken en klagen. Wat is het toch dat Thebe
tergt? Het is de pest die kinderlijven uitzuigt tot ze gapen als de pop
van een insect. Het is de pest die Thebe geselt en gezwollen buiken barsten
doet.
En dan opeens, op een ochtend, als bij afspraak, besloot de jeugd dat
het genoeg was geweest. Ze stroomden samen op de markt en trokken onder
de leiding van een priester in stoet naar het paleis van de tiran dat
op een heuvel lag, net buiten de stad. Onderweg sneden ze lange olijftakken
af en zwaaiden die boven hun hoofd, zoals smekelingen dat doen. Op de
trappen van het paleis knielden ze neer en riepen om de tiran.
Het duurde niet lang voor Oedipus zelf naar buiten kwam. Hij liet zijn
blik dwalen over de radeloze jongelingen en toen hij de priester zag die
hen aanvoerde, wenkte hij hem naderbij. Dan sprak hij tot zijn volk:
'Jeugd van Thebe, ik weet waarom jullie gekomen zijn. Ik zie de olijftakken
in jullie handen en vanuit de stad stijgt samen met de wierook het kermen
en het klagen van de vrouwen op. Mijn dienstboden hebben me verteld over
de pest die de stad in haar greep houdt. Maar ik wil het van jullie zelf
horen. Vertel op: waarom zijn jullie hier? Zijn jullie bang? Verwachten
jullie iets van mij? Ik zal jullie helpen als ik kan. Het zou harteloos
zijn als jullie leed mij niet zou raken. Vooruit, spreek op.'
De oude priester kwam naar voren en nam het woord.
'Koning Oedipus', zei hij, 'ik spreek hier niet namens mezelf, want ik
ben oud en veel heb ik niet meer van dit leven te verwachten. Ik spreek
namens de jeugd van Thebe, want voor hen is er geen toekomst. Onze stad
wordt door elkaar geschud als een schip in de storm en kan zich met moeite
redden uit de diepte die haar opslokt. Vruchten rotten aan de bomen, beesten
sterven in de stal en kinderen bezwijken in de buik van hun moeder. De
stad kreunt onder de pest.'
Oedipus boog luisterend het hoofd, kruiste zijn armen en drukte de knokkels
van zijn linkervuist tegen zijn lippen.
'We weten, Oedipus, dat jij geen god bent', ging de priester verder. 'Maar
we hebben jou tot koning verkozen. Misschien kun jij onze zaak bepleiten
bij de goden. Toen jij destijds naar onze stad kwam, heb je ze bevrijd
van de verschrikkelijke sfinx. Met de hulp van de goden heb je toen ons
leven gered. Daar is iedereen het over eens. Daarom, machtige Oedipus,
vragen wij vandaag opnieuw je hulp. Jij bent de enige die ons kan helpen,
want ervaring is de beste raadsman. Alleen jij kunt Thebe redden. Laat
het niet zo zijn dat wij later moeten zeggen: eerst heeft hij ons gered,
daarna heeft hij ons laten stikken. Maak van Thebe weer een stad. Breng
ons vandaag even veel geluk als toen, want als Thebe crepeert, hebben
we geen koning meer nodig. Het heeft toch geen zin koning te zijn van
een woestijn. Zeg nu zelf: wat heb je aan een mast als het schip is vergaan?'
Oedipus knikte langzaam en dacht na. Dan deed hij een stap naar voren,
zodat zijn antwoord niet tot de priester was gericht, maar rechtstreeks
tot het volk, en sprak met luider stem:
'Jeugd van Thebe, ik weet wat je van mij verwacht. Ik weet het goed genoeg.
Ik ken de pijn die jullie lijden. Ik weet wat jullie afzien. Maar geloof
me: niemand in Thebe lijdt zoveel als ik. Jullie lijden om jezelf en om
niemand anders. Mijn hart huilt om de hele stad, en om mezelf en om jullie
allemaal. Denk maar niet dat ik hier rustig lag te slapen toen jullie
me daarnet gewekt hebben. Weet dat ik al veel om jullie heb geweend. Vele
nachten heb ik wakker gelegen, piekerend over hoe ik de stad van de pest
kan verlossen. Denk maar niet dat ik nog niets heb gedaan. Deze week nog
heb ik na rijp beraad mijn eigen schoonbroer Kreon naar het orakel van
Delphi gezonden om daar van Apollo te vernemen wat ik moet zeggen of doen
om Thebe te verlossen. Bezorgd tel ik de dagen af, want hij blijft langer
weg dan ik verwachtte. Maar als hij straks thuiskomt, zal ik alles doen
wat de goden mij gebieden. Ik zou immers een slechte koning zijn als ik
dat niet deed.'
Op datzelfde moment was er enig tumult achter in de menigte. De jongelingen
weken uit elkaar om een wagen door te laten, voorafgegaan door een heraut.
Kreon stapte van de wagen en keek enigszins ontsteld naar het samengetroepte
volk rond het paleis van zijn schoonbroer. De heraut baande voor zijn
meester een weg door de menigte waarlangs Kreon gehaast de trap opliep.
Oedipus liep op hem toe en verwelkomde hem.
'Blij je te zien, Kreon. Is de reis goed verlopen? Je brengt goed nieuws,
mag ik hopen? Wat hebben de goden je gezegd?'
'Goede dingen', antwoordde Kreon. 'Dat denk ik tenminste. Een kwaad is
minder kwaad als het ten goede keert.'
'Mooi zo', zei Oedipus zichtbaar tevreden. 'Maar wat hebben ze dan gezegd?
In jouw woorden hoor ik hoop noch vrees.'
Kreon keek zenuwachtig om zich heen en wierp een vragende blik op zijn
schoonbroer.
'Zeg ik het hier waar iedereen bij is? Zouden we niet beter naar binnen
gaan?' Hij fluisterde bijna.
Maar Oedipus antwoordde luid en krachtig zodat zelfs degenen die op de
achterste rijen stonden hem duidelijk konden verstaan:
'Zeg het hier, zodat iedereen het kan horen. Want ik heb meer met hen
te doen dan met mijn eigen leed.'
'Goed dan', antwoordde Kreon, niet helemaal op zijn gemak. 'Dan zeg ik
maar wat ik van de goden heb vernomen en wat ze ons hebben bevolen, al
lijkt hun voorspelling mij duister. Ze zeggen dat de kiem van de pest
in deze stad wordt gekoesterd en dat jij, Oedipus, die schandvlek moet
uitroeien voor ze heel Thebe heeft besmet.'
Oedipus gooide zijn hoofd in zijn nek en keek hulpeloos naar de hemel.
'Hoezo, uitroeien? Wat voor een schandvlek is het dan?'
'Thebe werd besmet door een moord', ging Kreon verder. 'Jij moet die moord
wreken door de moordenaar te doden of voorgoed uit de stad te verbannen.'
'Welke moord? Waar hebben de goden het over?'
Een schokgolf ging door de menigte. Iedereen bleek meteen te weten om
welke moord het ging. Alleen Oedipus wist het niet.
'Voor jij Thebe van de sfinx verloste en hier koning werd', legde Kreon
hem uit, 'was Laios hier koning.'
Oedipus knikte. Dat had hij gehoord.
'Laios werd vermoord,' ging Kreon verder, 'en nu willen de goden dat jij
de moordenaar straft.'
'Ha!' riep Oedipus uit. 'En waar is hij dan? Die moord is al zo lang geleden.
Hoe moet ik nu nog de moordenaar vinden?'
Maar Kreon vervolgde onverstoord: 'De goden hebben me gezegd dat je hem
in deze stad moet vinden. Als je zoekt, zul je hem vinden. Zoek je niet,
dan zal de moordenaar ontsnappen.'
Oedipus trok zijn wenkbrauwen op, krabde zich achter de oren en dacht
een hele tijd na. Dan liep hij op Kreon toe en ondervroeg hem - stiller
pratend nu - een hele tijd over de omstandigheden van de moord.
'Is Laios bij hem thuis vermoord?' vroeg hij. 'Of ergens op het veld?
Of buiten de grenzen van de stad?'
'Hij was uit Thebe vertrokken om het orakel te raadplegen', legde Kreon
uit. 'We hebben hem nooit teruggezien.'
'Was er dan geen getuige van de moord? Geen reisgezel of dienstbode? Heeft
niemand het gezien?'
'Ze kwamen allemaal om', zei Kreon met spijt. 'Slechts één is aan de slachting
ontsnapt. Maar die herinnerde zich haast niets.'
'Wat wist hij dan nog wel?' vroeg Oedipus ongeduldig. 'Het minste spoor
heeft belang. Het kan ons een sprankel hoop geven.'
'Hij zei dat de aanvallers met velen waren toen ze Laios hebben gedood.
Het was overmacht.'
'Waar haalde de moordenaar het lef vandaan?' vroeg Oedipus ontzet. 'Was
hij misschien betaald door iemand uit de stad?'
'Dat hebben wij toen ook gedacht', knikte Kreon. 'Maar in die donkere
tijden hebben wij geen wreker kunnen vinden.'
Oedipus dacht diep na.
'Toch nog een laatste vraag, Kreon', zei hij ten slotte. Waarom hebben
jullie destijds niet meteen naar de moordenaar gezocht?'
Kreon sloeg zijn ogen neer.
'We waren bang, Oedipus. De verschrikkelijke sfinx met zijn verraderlijk
gezang had ons verboden naar de moordenaar te zoeken.'
'Een raadsel dus', zei Oedipus schamper, nu weer luider sprekend en zich
richtend tot de jongeren die ongeduldig op de trappen drumden. 'Goed.
Dan zal ik deze zaak van bij het begin hernemen. Ik zal die moord oplossen
omdat de goden het vragen en omdat het land het nodig heeft. Ik doe het
niet om een verre vriend te plezieren, maar in mijn eigen belang. Die
schandvlek moet hier weg, om wie het ook mag gaan. De moordenaar van Laios
heeft het misschien ook op mij gemunt. Door Laios te wreken, verdedig
ik ook mezelf. Vooruit, jeugd van Thebe, gooi die olijftakken toch weg
en verzamel de bewoners van de stad. Niemand zal me nu nog tegenhouden.
Met de hulp van de goden zal ik vandaag nog overwinnen. Zo niet, dan zullen
we samen ten onder gaan.'
|
|
|
Recensies
Oedipus en Antigone
Met de klassieke Griekse mythen kun je in deze tijd zowat alle kanten uit. Je kunt ze vertalen in hedendaags Nederlands en zo dicht mogelijk bij het origineel blijven; je kunt ze bewerken en hertalen voor jongeren. Imme Dros deed zowel het eerste als het tweede, met evenveel onverwacht succes. Ed Franck deed het tweede, en leverde eigentijdse literaire parels af, die zowel jongeren als volwassenen ontroeren. Of je kunt het klassieke erfgoed pogen over te dragen door het om te werken tot een parodie of een grappige conference. Patrick De Rynck heeft het laatste gedaan, en evenmin zonder succes (1). Het Grieks is op sterven na dood in ons onderwijs. Maar veel uit de erfenis van Hellas leeft nog, al was het maar omdat het eeuwen lang onze cultuur zo diepgaand heeft beïnvloed.
Vele jaren zeulde ik een schooluitgave van Sophocles' Antigone mee, doorheen al mijn universiteitsjaren en nog lang daarna, in een vergeefse poging mijn Grieks enigszins op peil te houden. Nu, bijna vier decennia en een mensenleven later, kan ik nog net Griekse opschriften lezen, maar de eenvoudigste tekst vertalen en begrijpen, gaat ver boven mijn krachten. Toch weten de verhalen uit Hellas nog te ontroeren na meer dan 2000 jaar. En dat geldt ook voor hedendaagse leerlingen, de zogezegd oppervlakkige generatie.
Didactische verwerking
In de huidige leerplannen Nederlands kan je deze twee boeken op twee plaatsen inschakelen: in het vierde jaar, wanneer de mythe op het programma staat; in het vijfde of zesde jaar, bij toneelgeschiedenis. Voor de verschillende mogelijkheden verwijzen we naar de noten hieronder.
Voor geschiedenis kan je de boeken aan bod laten komen bij de behandeling van Hellas, zo mogelijk in samenwerking met collega Nederlands. De problematiek van Oedipoes zal de jonge leerlingen misschien minder aanspreken, maar de thematiek van Antigone kan gemakkelijk naar minder tragische keuzes uit hun eigen leefwereld worden vertaald, bijvoorbeeld in de lessen "leefsleutels".
Je krijgt hier dus een ideale gelegenheid voor "normaal-functioneel" vakoverschrijdend werken.
In het verleden hebben wij voornamelijk in het vierde jaar, bij de mythe, met de vermelde verhalen gewerkt. Door leerlingentaken in complementair groepswerk, tot en met een queeste naar het verder leven van de verhalen in literatuur en muziek tot in onze tijd toe. Daarbij werd ook het internet ingeschakeld, toendertijd zowat onze eerste kennismaking met de onbegrensde mogelijkheden van dat nieuwe medium.
Voor didactische verwerking hebben wij een (persoonlijk geconditioneerde) voorkeur voor Antigone. Plicht is voor velen in deze tijd een volkomen onbekend begrip geworden. De mogelijkheden voor waardeverduidelijking liggen dus voor de hand. Voor algemene didactische achtergronden én concrete wenken verwijzen we naar de artikels op de site van de VVLG: Gelezen tijd, Concreet werken met historische romans in de klas en Wachters voor de poorten van het millennium.
Opgelet, als je leerlingen weinig ervaring hebben met waardeverduidelijking, ligt het niet zo voor de hand met het zware thema 'plicht op leven en dood' te starten. De meesten leerden de geschikte werkvormen wel reeds kennen in de lessen 'leefsleutels' in het eerste en/of tweede jaar.
Dramatisering: zoals de auteur reeds aangeeft, ligt zijn proza dicht bij de toneeltekst van Sophocles. In het verleden gebruikten we in het vierde jaar ASO en TSO voor leerlingentoneel: Hella S. Haasse, Ariadne. Je kunt beslist als oefening delen van deze prozateksten laten omzetten in toneeldialogen en laten opvoeren.
Vermelden we nog dat de auteur Willy Schuysmans een website beheert, die een ware schatkamer is voor alles wat jeugdliteratuur betreft. Hier kun je een referaat downloaden van Mark Van Bavel, die nader ingaat op een aantal aspecten voor didactische verwerking van De ogen van de tiran in de tweede graad.
Noten
- Imme Dros, Ilios. Het verhaal van de Trojaanse oorlog, Amsterdam, Querido, 1999, 227 blz.
- Ed Franck, Medea (Valentijnreeks), Averbode, Altiora, 1999, 96 blz.
- Patrick De Rynck, De knipoog van Medusa. Avonturen van Oude Grieken, Leuven, Davidsfonds/Clauwaert, 1998, 163 blz.
Jos Martens - Vlaamse Vereniging voor Leraren Geschiedenis
De ogen van de tiran : De Oedipus van Sophocles / Willy Schuyesmans
Vrije (proza-)navertelling van de tragedie van de Griekse dichter Sophocles (496-405/406 v. Chr.). Verhaald wordt de tragische ommekeer van de eens zo trotse en zelfbewuste tiran van het door de pest getroffen Thebe, die onwetend zijn vader doodde, zijn moeder huwde en door zijn obsessief handelen om de moordenaar te vinden, het noodlot oproept, hetgeen hem ten slotte tot een met vloek beladen blinde banneling maakt.
In deze bewerking zijn de dialogen van Sophocles consecutief en conscientieus omgezet in een zo hedendaags taalgebruik, dat ook de ritmiek behouden werd. De nu wat theatraal klinkende oorspronkelijke koorliederen zijn functioneel herschreven tot commentaren, geleverd door de jongelingen van Thebe. De keuze van de verhaalvorm impliceert o.a. het wegvallen van de vermeldingen van de strikte (chronologische) structuurelementen in een klassieke tragedie, doch desondanks wordt in deze compositie aan het traditionele stramien geen afbreuk gedaan. De heroïsche en majestueuze karakters van alle (ook oorspronkelijke) hoofdrolspelers zijn eveneens scherp getekend en het dramatische effect is behouden.
Een beknopte biografie van Sophocles, een toelichting en verantwoording besluiten dit verdienstelijke, toegankelijke werk. Vanaf ca. 14 jaar.
J.J.J.M Engels
Nederlandse Bibliotheek Dienst BV
De ogen van de tiran
Dit is het verhaal van Oedipus. Hij loste de buitenissigste raadsels op. Hij was machtig en menigeen was jaloers op hem. Maar hij komt in een moeras van ellende terecht; vermoordde buiten zijn weten zijn vader en huwde zijn moeder en toen dat vast stond, stak hij zichzelf de ogen uit. Daar komt hij achter omdat Thebe, de stad waarover hij regeert gebukt gaat onder de pest. De zoektocht naar de reden waarom de Goden vertoornd zijn en de stad straffen, brengt hen bij de moordenaar van hun vorige koning die nog steeds in de stad woont, namelijk Oedipus zelf.
Als je het verhaal leest, komt het erg statisch en nogal hoogdravend over. De manier waarop de inwoners van Thebe spreken, lijkt gekunsteld, houterig. De manier waarop Oedipus spreekt, klinkt theatraal; niet zoals iemand normaal spreekt. Ook de afloop is al snel voorspelbaar, voor zover hij al niet op voorhand gekend was.
Deze tragedie werd 2500 jaar geleden geschreven door Sophocles, als toneelstuk. Willy Schuyesmans vertelt het na, als verhaal. In een nawoord verduidelijkt de auteur de wereld van Sophocles, de wereld van Oedipus en hoe hij het toneelstuk heeft bewerkt.
Als je dit nawoord gelezen hebt wordt er veel duidelijk en begrijp je waarom het verhaal zo geschreven is. Het is dus beter eerst het nawoord te lezen en daarna het verhaal, want zelfs het woordje tiran heeft niet de betekenis zoals wij ze kennen.
Pluizuit
De ogen van de tiran
"Dit is het verhaal van Oedipus
Hij loste de buitenissigste raadsels op.
Hij was machtig
en menigeen was jaloers op hem.
Maar je zult zien
hoe hij in een moeras van ellende terechtkomt;
prijs daarom nooit de dag gelukkig
voor de avond is gevallen."
"De ogen van de tiran" is eigenlijk een herwerkte versie van de 2.500 jaar oude "Oedipus" van de dichter Sophocles. Het boek vertelt het tragische verhaal van de gelijknamige tiran.
De stad Thebe wordt geteisterd door de pest. De ellende die boven Thebe hangt kan slechts verdreven worden als Oedipus de man vindt die z'n voorganger, koning Laios, heeft vermoord.
Tijdens die zoektocht onthult Oedipus onbewust zijn eigen echte identiteit waardoor hij psychisch tenonder gaat.
"De ogen van de tiran" leest tamelijk vlot. Hoewel het verhaal zo'n 2500 jaar oud is, slaagt de schrijver er toch in de lezers te boeien. Toverend met beschrijvingen en treffende bepalingen slaagde Schuyesmans erin om een aangrijpend boek uit zijn pen tevoorschijn te halen.
Eva Six - Transparant - juni 2002
De ogen van de tiran
Willy Schuyesmans is niet alleen een boeiend verteller, hij is ook erg geboeid door de oude geschiedenis en de zeer menselijke verhalen daarin. Dit keer ging hij te rade bij de grote treurspeldichter Sophocles, die dit tragische verhaal 2.500 jaar geleden schreef. Het is het indroeve verhaal van Oedipus, die ongewild en onbewust in een onmogelijke situatie is terechtgekomen, zodat hem alleen nog wanhoop rest.
Het woord tiran heeft hier de oude betekenis van iemand die niet door erfenis maar door eigen verdiensten als koning werd verkozen. Het is dus eerder een eretitel en niet wat het woord later ging betekenen: een dwingeland.
Een schokkend verhaal dat ons veel leert over onszelf. Veertienjarigen zijn er weg van. (uitgeverij Averbode, 12,30 euro)
De bond - 3 mei 2002
Willy Schuyesmans leert jongeren Oedipus kennen
LIER - Prijs nooit de dag gelukkig voor de avond is gevallen, schrijft jeugdauteur Willy Schuyesmans in zijn recentste uitgave 'De ogen van de tiran'. Daarin vertelt hij het verhaal van Oedipus, een verhaal dat Sophocles nu bijna 2500 jaar geleden in Athene schreef. Het boek werd onlangs voorgesteld in de Lierse Boekhandel Van In.
"Met deze vertelling heb ik slechts één doel nagestreefd:de jeugd het verhaal van Oedipus leren kennen", vertelt de auteur. Ik wou het meesterwerk dat mij al meer dan dertig jaar fascineert toegankelijk maken voor jongeren van de tweede graad.
Volgens Mark Van Bavel, voorzitter van de sectie Neder lands van de Antwerpse Universiteit Ufsia, toont Willy Schuyesmans inderdaad veel respect voor de oorspronkelijke woorden van de Griekse toneelschrijver. De kunst was om de toneeltekst in een verhaalvorm te gieten. Een aantal klassieke toneeltechnieken bleven wel bewaard.
"Leerlingen zullen zeker oog hebben voor de spanningsopbouw", vertelt Mark Van Bavel nog. "Daarbij maken ze kennis met een aantal klassieke elementen, zoals het ingrijpen van de goden in het dagelijkse bestaan en het thema van schuld en boete. Ik acht het boek bijzonder geschikt voor leerlingen van 14 jaar en ouder. Doorheen een spannend verhaal maken ze kennis met de wereld van de mythologie en met het Griekse theater."
Willy Schuyesmans is niet aan zijn proefstuk toe. Hij is in de eerste plaats journalist, maar schrijft intussen al 17 jaar lang verhalen.
GeB
'De ogen van de tiran' van Willy Schuyesmans is uitgegeven door uitgeverij Averbode en is verkrijgbaar in de Lierse boekhandel Van In. Kostprijs 12,50 euro.
(Gazet van Antwerpen, 10/4/2002)
Willy Schuyesmans, De ogen van de tiran, (Averbode, 2002)
Herwerkingen van klassieke verhalen hebben heel wat generaties kennis laten maken met 'de grote klassieke werken uit de wereldliteratuur'. De bedoeling van de auteurs was dan meestal educatief, niet in de eerste plaats literair. In hun herwerking moesten ze zich afvragen hoe dicht ze bij het origineel wilden / konden blijven door:
- het verhaal te actualiseren;
- een nieuw personage te creëren in een andere omgeving, dat zich spiegelt aan het origineel;
- het gegeven te herleiden tot de essentie, de archetypische kern;
- een verhaal te maken met meer gegevens, bv. de fabel te kaderen tegen de hele mythische achtergrond; of de voorgeschiedenis van de hoofdpersonages sterker uit te werken;
- heel kort bij het origineel te blijven naar vorm en inhoud;
Willy Schuyesmans heeft gekozen voor een navertelling die heel trouw de originele tekst volgt. Hij wil daarmee: 'Jongeren het verhaal leren kennen. Met veel respect voor het origineel: 'Ik ben geen classicus; ik ken geen Grieks', ik heb me van vertalingen bediend. Achterhalen wat de bedoeling was van de auteur is voor mij belangrijker dan wat hij zo lang geleden met een of ander Grieks woord precies bedoeld kan hebben... '
Daarbij maakt de schrijver het zich niet gemakkelijk door deze theatertekst te herschrijven voor de leeftijdsgroep van 14 jaar. Deze jongeren maken echter in de tweede graad van het middelbaar onderwijs kennis met de epische genres, onder meer met sprookje, fabel, sage en mythe. Deze herwerking lijkt ons daar dan ook op haar plaats. Maar geldt dat ook voor de thematiek van Oedipus, voor zijn klassieke opbouw, voor zijn versvorm? Vergeten we niet dat 'Oedipus' niet zo maar een klassiek stuk is. Aristoteles gebruikte het in zijn Poëtica als model van het klassieke theater.
Nu is de doelgroep van 14-jarigen gelukkig vertrouwd terrein voor de journalist, jeugdauteur Schuyesmans die de jeugdliteratuur een groot hart toedraagt. En al daarom van mij een eresaluut krijgt. - Een klassiek drama herschrijven ter lering van jongeren, het doet me denken aan de leerschool die we kregen door de levens van 'beroemde mannen' te lezen. Ook in de Oudheid gold dat als een pedagogisch principe.
Laten we eens kijken hoe de auteur de klassieke toneeltekst transformeert tot een verhaal voor de jeugd.
aanpassingen
- naast de dialogen moest de auteur kiezen voor epische overgangen tussen bepaalde scènes;
- het koor: de auteur heeft hier personages 'van vlees en bloed' opgevoerd, die 'functioneel' zijn, bv. na een korte sfeerschepping van de pest die over Thebe woedt, zien we hoe de jeugd Oedipus gaat opzoeken om hem te smeken een einde te maken aan de pest…;
- de zedenles: Prijs dus nooit de dag gelukkig voor de avond is gevallen, is een variant op wat ik in mijn De Waele - vertaling vind: Prijs zodus nooit als gelukkig enig sterveling, die nog steeds in bang verwachten uitziet naar zijn allerlaatste dag, die nog niet het levenseind bereikte zonder schrijnend leed...
- de titel en de cover: we zien Oedipus met verbonden ogen, met in de achtergrond een Griekse tempel, sober weergegeven. Het roept reminiscenties op aan 'blindheid die naar de waarheid leidt'… In de titel zit ook het woordje 'Tiran': wie het koningschap niet door erfopvolging gekregen had;
- sommige klassieke elementen worden vervangen / achterwege gelaten omdat ze te vreemd zijn voor jeugdige lezers
toch zijn een aantal klassieke toneeltechnieken bewaard
de stichomythie in de sterk confronterende scènes tussen bv. Teiresias en Oedipus p. 32 -33;
ook de monologen bv. in het verhaal van Iokaste, p. 48 en de bodenverhalen zijn bewaard, bv. p. 76 de dood van Iokaste en de zelfverminking van Oedipus (de gruwel die in het Griekse theater vanuit kiesheid verhaald wordt maar niet getoond, tenzij in de pathos).
De beweging van het klassieke drama: expositio, motorisch moment, opbouw naar climax, de peripetie, de anagnousis, de catharsis en de pathos… De tragische ironie: de held die zich onwetend in zijn ongeluk stort. - Dit kon doordat de schrijver sterk bij het origineel blijft.
het register is hier en daar in vergelijking met de klassieke tekst wat verruwd. Toch valt dit wel mee en er wordt niet gespeeld op sensatie.
Hoe lezen 14-jarigen deze tekst - hoe pakt men dat in onderwijs aan?
In de tweede graad van het secundair leren leerlingen de epische genres kennen: sprookje, fabel, mythe… Ze leren ook voor het eerst begrippen en termen om een verhaal te analyseren. Deze tekst is dus in dat opzicht zeker geschikt voor de tweede graad.
Leerlingen zullen zeker oog hebben voor de spanningsopbouw. Vergeten we bij dit alles niet dat 'Oedipus' een echte whodunit is... Waarop alle technieken van de spanningsopbouw worden toegepast. De lijn van zekerheid - over twijfel - naar onzekerheid - en het zich vastklampen aan de laatste 'zekerheid', met de climax waar het verleden het heden
inhaalt. De tragische held die niet inziet wat de verhalen en de tekens betekenen...
In het spannende verhaal kennis maken leerlingen kennis met een aantal klassieke elementen:
- het ingrijpen van de goden in het dagelijks bestaan van mensen; het belang van orakels;
- de twijfel aan de godsspraak, d.i. precies wat Sophocles thematiseert;
- het thema van schuld en boete: de hybris van de mens die durft te twijfelen aan het orakel....
Daar staat dan wel tegenover dat de Atheners de mythe van Oedipus kenden; zij kenden dus ook de dramatische afloop. Hier ligt een interessant verhaaltechnisch gespreksthema voor jongeren: kan iets zijn spankracht behouden als je de afloop kent? Wat moet een schrijver dan doen? Of waarom gingen die Grieken massaal naar het theater? Ze wilden zien hoe de auteur de confrontatie aanging met zijn mythische verhaalstof en met zijn houding tegenover de wet en de goden.
Conclusie
Wij denken dat 'De ogen van de Tiran' geschikt is voor leerlingen van 14 en ouder. Omdat ze doorheen een spannend verhaal kennismaken met de wereld van de mythologie en met het Griekse theater. Later kan de 'klassieke tekst' volgen en het diepere inzicht in de thematiek, de relatie tussen de personages, de bedoeling van de auteur, de opbouw en de drie eenheden van het Griekse theater.
Wij denken dat door het verhaal na te vertellen, met de wijzigingen die de auteur aanbrengt
dit boek ter lezing kan aanbevolen worden aan leerlingen van de tweede graad.
Mark Van Bavel
Voorzitter van de sectie Nederlands van UFSIA / Centrum voor Didactiek
(Referaat uitgesproken op 22 maart 2002 bij de voorstelling van het boek)
Deze tekst kan hier ook gedownload worden.
|
|