Gregoriaans

De Muziek

[Home] [Het geluid van de stilte] [De wortels] [De muziek] [Gregoriaans nu] [Liturgische kalender] [Bibliografie] [Discografie] [Agenda] [Gregoriaans op het net] [Zoeken] [Gastenboek]




De kerktonen

De klassieke en populaire muziek sinds de 17de eeuw is vrijwel uitsluitend in majeur of mineur geschreven. Het gregoriaans beschikt echter over veel meer toonaarden, meestal kerktonen genoemd. Voor een beginner lijkt dat erg ingewikkeld, maar als men eenmaal het systeem begrepen heeft, zit het vrij logisch en eenvoudig in elkaar.


De kerktoon van een gezang wordt in feite bepaald door de plaatsing van de halve tonen op de notenbalk. De laatste noot van een gezang, de zogenaamde finalis (rood op het schema) bepaalt de modus. Dat kan re, mi, fa of sol zijn. Daarnaast is er ook nog de tenor (blauw op het schema), de toon waarop gereciteerd wordt. De tenor wordt ook wel dominant genoemd. Tussen beide tonen ontwikkelt zich de melodie. Misschien lijkt dat allemaal wat technisch, maar precies de ligging van de halve tonen tussen finalis en tenor bepalen het karakter van een gezang. Als je een tijd lang gregoriaans beluisterd hebt, leer je vanzelf dat karakter herkennen.


Het kerktonensysteem kent eigenlijk vier modi, die elk zijn onderverdeeld in een authentieke modus en een plagale modus. De vier modi zijn:

Protusmet finalis op RE(kerktoon I en II)
Deuterusmet finalis op MI(kerktoon III en IV)
Tritusmet finalis op FA(kerktoon V en VI)
Tetrardusmet finalis op SOL(kerktoon VII en VIII)

Met enig wringen, wist men het hele misrepertoire in deze acht kerktonen, verdeeld over vier modi, onder te brengen. Men keek gewoon naar de laatste noot. Was dit een RE en reciteerde men op LA, dan hoorde het gezang thuis in de eerste kerktoon. Eindigde het op een MI en reciteerde men op LA, dan ging het om een vierde kerktoon.
Met de officiegezangen lukte dat minder goed. Zo vond men gezangen die eindigden op een MI, maar als tenor een DO hadden. Zulke gezangen pasten niet in het systeem. Dus was men verplicht het systeem uit te breiden. In het Antiphonale Monasticum vindt men de volgende tonen:

Naamkerktoonfinalistenor
protus authenticusIrela
protus plagalisIIrefa
deuterus authenticusIIImisi
tonus recentiorIIImido
deuterus plagalisIVmila
tonus alteratusIVlare
tritus authenticusVfado
tritus plagalisVIfala
tetrardus authenticusVIIsolre
tetrardus plagalisVIIIsoldo
tonus peregrinus--solla + sol
tonus irregularis--lala
tonus in directum--dodo

[Lees verder...] [Terug]
[Home] [Het geluid van de stilte] [De wortels] [De muziek] [Gregoriaans nu] [Liturgische kalender] [Bibliografie] [Discografie] [Agenda] [Gregoriaans op het net] [Zoeken] [Gastenboek]

Mail to webmaster