













|
| 













| |
9º Internationaal Gregoriaans Festival van Watou
24 tot 28 mei 2006
7.000 bezoekers
Het 9º Internationaal Gregoriaans Festival van Watou is zopas afgelopen en heeft op de vijf dagen samen zo'n 7.000 bezoekers ontvangen uit de hele wereld. Dat is op zich al een enorme prestatie. Het concert van zaterdagavond bijvoorbeeld werd bijgewoond door 900 liefhebbers van het gregoriaans. Dat is niet eens zo verwonderlijk. Sedert het allereerste gregoriaans festival in Watou in 1981 - toen nog maar één dag lang - is de kwaliteit festival na festival alleen maar toegenomen. Op de eerste edities van 1981 en 1986 ging het slechts om een klein aantal Vlaamse koren, wel met één buitenlandse schola als kers op de taart. Vanaf de derde editie 1988 duurt het festival twee dagen en voortaan zal het ook om de drie jaar plaatsvinden. Toen waren er twee buitenlandse koren: Le choeur grégorien de Paris en het Westminster Cathedral Choir, dat er ook dit jaar weer bij was. In de zopas afgelopen editie zagen we 20 koren, waarvan slechts drie uit Vlaanderen en één uit Nederland. Dit jaar stond zonder overdrijving de wereldtop in Watou.
Uitputtingsslag
Voor de diehards die het hele festival van a tot z willen volgen, is Watou vandaag een fysieke uitputtingsslag geworden. In totaal kon je twee preouvertures bijwonen (in het Franse Boëseghem en in Wervik), een vier uur durend colloquium, vier audities, twee avondconcerten, vijf liturgische diensten en - gelukkig maar - drie recepties. De audities vormen eigenlijk de kern van het festival. Alle koren brengen een opgelegd programma rond een thema. Dit jaar luidde het thema: Jezus Christus: voorafbeelding en vervulling. De keuze van thema's en bijbehorende stukken was het werk van frater Kees Pouderoyen osb, die sinds de derde editie van 1988 al de artistieke directeur van het festival is. Hoewel er absoluut geen wedstrijdkoorts meespeelt en competitie tussen de koren niet de bedoeling is, kun je in deze audities de afzonderlijke schola's wel het best met elkaar vergelijken.
De meeste koren traden echter ook op in de liturgische diensten en in de concerten. Daar kozen ze uiteraard hun repertoire zelf en vele koren aarzelden dan ook niet om daar de randgebieden van het gregoriaans te betreden en voorbeelden te geven van beginnende meerstemmigheid en zelfs echte polyfonie. Vooral op het avondconcert van zaterdag kregen we daardoor een evenwichtige en boeiende mengeling te horen die ook minder fanatieke gregorianisten - die dankzij de sponsors overvloedig aanwezig waren - te bekoren.
Colloquium
Op vrijdagvoormiddag onderhield frater Pouderoyen ons bijna vier uur lang over Tekstkeuze en tekstbehandeling in het Gregoriaanse repertoire (Lees ook het uitgebreid verslag door Leslie Versweyveld). Het is al een jarenlange traditie op het festival dat geïnteresseerde gregorianisten er kennis kunnen maken met de nieuwste inzichten inzake wetenschappelijk onderzoek. Pouderoyen toonde ons aan de hand van vele voorbeelden hoe de gregoriaanse componisten tot de keuze van hun teksten kwamen. Niet zelden werd die bepaald door de theologie. Na de veroordeling van het 'ketterse' Arianisme op het concilie van Constantinopel in 381 bijvoorbeeld kiezen de componisten vooral voor teksten waarin zowel het God-zijn als het mens-zijn van Christus benadrukt wordt.
Blijkbaar zijn meer dan 90% van de gregoriaanse teksten afkomstig uit de bijbel en daarvan dan nog het merendeel uit de psalmen. Maar ook niet-bijbelse teksten werden op muziek gezet, bijvoorbeeld fragmenten uit heiligenlevens en later nog de speciaal voor het gregoriaans geschreven teksten als hymnen, sequenties, tropen en rijmofficies.
De vele muziekvoorbeelden bij dit colloquium werden live uitgevoerd door de jonge Studentenschola Kunstuniversität Graz uit Oostenrijk onder leiding van prof. Eugeen Liven d'Abelardo. De meisjes van deze schola vielen vooral op door hun professionaliteit, wat niet in het minst duidelijk werd doordat ze om beurten dirigeerden of solopartijen zongen.
De liturgische diensten
Gregoriaans komt volgens velen pas echt tot zijn recht binnen de liturgie. Op dat gebied konden de bezoekers van Watou dit jaar hun hartje ophalen. Drie misvieringen waren voorzien: één op Hemelvaartsdag in Poperinge, die ook rechtstreeks door VRT-radio werd uitgezonden, een avondmis op vrijdag als openingsmis van het (toen al twee dagen lopende) festival, en een feestelijke hoogmis op zondag, de laatste dag van het festival. Vanzelfsprekend ging het om gezongen missen, waaraan telkens drie of vier koren hun medewerking verleenden en de ordinarium- en propriumgezangen onder elkaar verdeelden. Het koor dat zich daarbij volgens mij het best van zijn taak kweet, was de ad-hocschola Watou 2006, bestaande uit meer dan zestig mannelijke zangers, afkomstig uit zestien verschillende Vlaamse schola's die samen zongen onder leiding van Frans Mariman. Die slaagde erin al die zangers - die 'thuis' toch wel zeer verschillende stijlen zingen - mooi samen te laten klinken in een rustig, maar toch gezwind tempo waarbij elk woord verstaanbaar bleef en elk woord dat nadruk verdiende dat ook kreeg. Een puike prestatie voor een gelegenheidskoor. Dat diezelfde feestelijke hoogmis geheel gezongen werd, dus ook de lezingen en de prex eucharistica, maakte de viering tot een zeldzaam gebeuren.
Behalve de misvieringen kregen we op zaterdag ook nog de gelegenheid de Pontificale Lauden mee te maken, waarbij de damesschola Jubilate uit Hongarije een zeer mooie en verantwoorde psalmodie liet horen. Het festival sloot op zondagavond met een laatste liturgische dienst: Pontificale Vespers en Zegen. Je zag en hoorde het volk luidkeels en glunderend meezingen met alle bekende religieuze schlagers als Veni Sancte Spiritus, Regina caeli, Pange lingua gloriosi, Tantum ergo of Christus vincit. Kortom, een geslaagde afsluiter.
De preouvertures
Wees vooral niet bang dat je tijdens het festival je avonden alleen op je hotelkamertje moet doorbrengen. Van woensdag tot en met zaterdag kregen we elke avond een gregoriaans concert aangeboden. Het festival begon op woensdag met een auditie in het Franse Boëseghem, zo'n 35 km van Watou verwijderd. In een stampvolle kerk brachten vijf schola's een prachtig programma. Alleen hier konden we de damesschola van Watou onder leiding van Agnes Delbaere aan het woord horen. Hoe kort hun programma ook was, ze brachten het offertorium Ave Maria met twee verzen op een indrukwekkende wijze die ik niet licht zal vergeten.
Hier kregen we ook de schattige Pueri Cantores of Daegu uit Korea voor het eerst te horen en vooral te zien in hun kleurige kostuums. Top van de avond was echter Vox Clamantis uit Tallinn, Estland onder leiding van de getalenteerde Jaan-Eik Tulve. Hij presteert het o.a. om een vrouw (in het Invitatorium) op dezelfde toon met de mannen te laten meezingen om dan even later twee mannen in octaven te laten zingen. Zij brachten ook diverse meerstemmige werken, een motet en zelfs een joods folkloristisch gezang.
De tweede avond vond plaats in Wervik. We hoorden een mooi afwerkende meisjesschola Jubilate uit Hongarije onder leiding van Ferenc Sapson jr. en we zagen de Koreaanse poppetjes voor de tweede keer. Een beetje grappig was de Schola Gregoriana Gaudete uit Venezuela onder leiding van Mario Guillermo Ojeda G. Dit koor, bestaande uit een flinke kluit zwartgeklede macho's, compleet met gouden armbandjes en zware horloges, produceren met zijn alleen een zacht fluwelen geluid dat af en toe wel wat vrolijker zou mogen klinken. Teleurstelling van de avond was professor Alberto Turco uit Italië met zijn damesschola In Dulci Jubilo, een koor dat helemaal is opgehangen aan de weliswaar indrukwekkende soliste Letizia Butterin, maar verder nauwelijks zijn mond opentrekt. Van Turco, tien jaar geleden nog een absolute autoriteit in het gregoriaans, bleef tijdens dit festival nauwelijks meer over dan een flauwe schaduw van zichzelf.
De concerten
Het concert op vrijdagavond in de prachtige Sint-Martinuskerk in Haringe, een dorpje nauwelijks vijf kilometer van Watou verwijderd, bracht een alternatimconcert orgel-gregoriaans met de Choralschola der Wiener Hofburgkapelle uit Oostenrijk onder leiding van professor Kees Pouderoyen osb. Manuel Schuen uit Oostenrijk bespeelde het uitzonderlijk goed bewaarde Van Peteghemorgel. Ze putten uit het rijke op het gregoriaans geïnspireerde orgelrepertoire, met o.a. een Magnificat van Jean Titelouze (1563-1633) waarbij afwisselend een vers door het gregoriaans koor werd gezongen en een volgend op het orgel werd gespeeld in een muzikale interpretatie van de tekst.
Het avondconcert op zaterdag in Watou - we hebben het hogerop al vernoemd - was misschien wel het hoogtepunt van het hele festival. Deze concertavond in samenwerking met KBC bracht zes koren op het podium die samen een variatie brachten van het oudste gregoriaans tot de rijkste polyfonie. Dat laatste kregen we al meteen te horen uit de heldere keeltjes van de Choristers of the Westminster Cathedral Choir uit het Verenigd Koninkrijk die onder leiding van Martin Baker de Missa Salve sancta Parens van William Byrd ten gehore brachten. Ze werden gevolgd door de Schola Antiqua uit Spanje onder leiding van Juan Carlos Asensio Palacios die onder andere een viertal mozarabische (Oud-Spaanse) antifonen liet horen.
Na de obligate kleurrijke Pueri Cantores of Daegu uit Korea - die vanwege hun hoge knuffelgehalte een staande ovatie kregen - volgde het echte hoogtepunt van de avond met twee oude bekenden van Watou: Olga Roudakova met het Choeur Grégorien de Paris - Voix des Femmes en David Eben met zijn Schola Gregoriana Pragensis. De eersten brachten een zeer afwisselend en virtuoos repertoire, deels meerstemmig; de tweede wijdde het hele optreden aan Petrus Wilhelmi de Grudencz en zijn periode. Veel muzikale hoogstandjes dus. Deze beide koren alleen al maakten het de moeite waard in Watou te zijn. De avond werd afgesloten door Alberto Turco met In Dulci Jubilo.
Eerste auditie
De eerste auditie begon met een misser. De Schola Saint-Grégoire uit Canada onder leiding van Jean-Pierre Noiseux was duidelijk een maat te klein voor dit festival. Hoewel de schola enkele goede solisten heeft, was het op korte tijd instuderen van acht responsoria over Schepping en zondeval duidelijk een te zware opdracht.
Heel wat beter klonk de Spaanse Schola Antiqua onder leiding van Juan Carlos Asensio Palacios die het thema Noach in mis- en officiegezangen bracht in een beheerste en correcte uitvoering.
Ze werden gevolgd door In Dulci Jubilo, het dameskoor onder leiding van een tanende Alberto Turco. Gelukkig werd Abraham hoofdzakelijk door de reeds genoemde soliste bezongen, die met haar prima donna-allures het nochtans omvangrijke koor gewoon wegdrukte.

Een waar plezier om te horen, was dan weer Vox Clamantis uit Tallinn, Estland, geleid door de ascetische Jaan-Eik Tulve. Zij bezongen Jacob in mis- en officiegezangen met een deugddoende gezwindheid die de muziek deed wervelen.
Tweede auditie
Op zaterdagmorgen beet de Choralschola Cathedralis Suboticiensis uit Servië onder leiding van Csaba Pasko de spits af. Dit jonge koor werd minder dan een jaar geleden opgericht met de bedoeling naar Watou te komen. Het is ze aardig gelukt en ze zongen verdienstelijk gregoriaans rond het thema Wederkomst des Heren. Een koor waar we zeker nog van zullen horen.

Zonder meer een revelatie was de Studentenschola Kunstuniversität Graz uit Oostenrijk onder leiding van Antonina Kalechyts. Deze poulains van Eugeen Liven d'Abelardo bezongen de verschrikkingen uit de apocriefe Boeken der Makkabeeën met een verrassende souplesse en virtuositeit. In tegenstelling tot vrijwel alle andere koren droegen deze meisjes geen uniform, maar hadden ze zich elk zeer persoonlijk uitgedost.
Het Venezolaanse macho-koor (zie hoger) Schola Gregoriana Gaudete bleef onder leiding van Mario Guillermo Ojeda G. even zoetjes zingen als in Wervik. Hun thema was Mozes. Toch valt op te merken dat dit misschien wel het enige Zuid-Amerikaanse koor is dat semiologisch zingt. De rest van dit continent zingt nog altijd heel enthousiast zoals Vlaanderen voor het concilie deed, en dan nog liefst met zware orgelbegeleiding.
De klare en luide kinderkeeltjes van de Choristers of the Westminster Cathedral Choir uit London mochten onder leiding van Martin Baker het lijden van Job vertolken. Hoe virtuoos ze ook uit de hoek komen als ze zich in de polyfonie mogen verliezen, zo Engels-oubollig klinkt hun gregoriaans. Je kunt Baker dan moeiteloos vervangen door een metronoom.
De geschiedenis van Jozef, die door zijn broers aan een Egyptenaar werd verkocht, kregen we te horen in het verrukkelijk mooie gregoriaans van David Eben met zijn Schola Gregoriana Pragensis uit Tsjechië. Zijn interpretatie van de gregoriaanse teksten is van een onbeschrijfelijke finesse en de stemmen van deze professionele zangers zijn stuk voor stuk van de hoogste kwaliteit.
Derde auditie
De derde auditie op zaterdagnamiddag opende met het Consortium vocale Oslo uit Noorwegen. Onder leiding van Alexander M. Schweitzer bezongen zij het wedervaren van Stephanus, de eerste martelaar. Ze deden dat in een zeer mooi, gedragen gregoriaans.
Ook de Grazer Choralschola uit Oostenrijk, onder leiding van Prof. Dr. Franz Karl Prassl bracht hoogstaand gregoriaans rond het thema van Johannes de Evangelist.

Hoogtepunt van deze auditie waren echter de twee koren die, gedeeltelijk apart, gedeeltelijk samen, hun programma opbouwden met gezangen uit de mis en het officie van Johannes de Doper. Beide koren zijn oude bekenden van Watou: de damesschola Sanctae Sunnivae Trondheim uit Noorwegen onder leiding van de inspirerende Anne Kleivset en het Nederlandse koor Hartkeriana onder leiding van prof. Eugeen Liven d'Abelardo. Twee absolute topkoren die samen het volledige mis- en officieformulier van Johannes de Doper op een dubbel-cd zetten, die na hun optreden werd voorgesteld en waarvan het eerste exemplaar werd overhandigd aan de Noorse ambassadeur in ons land.
Vierde auditie
De laatste auditie op zondagnamiddag werd ingezet door de Hongaarse Schola Jubilate onder leiding van Ferenc Sapson jr. die nu met twee mannenstemmen werd uitgebreid. Zij brachten de Navolging van de apostelen ten gehore in zeven communio's en een alleluia met een gedegen kwaliteit waaraan je een goed op elkaar ingespeeld koor herkent.
Vervolgens was het de beurt aan het enige Vlaamse koor in de audities, de Schola Trunchiniensis dat onder de vleugels van het Centrum Gregoriaans in Drongen opereert. Acht professionele zangers - waaronder twee goede solisten - geleid door Frans Mariman die hen een zeer doordacht gregoriaans laat zingen met grote aandacht voor de tekst. Zij vertolkten de Zending van de apostelen.
Een laatste keer kregen we daarna de Pueri Cantores of Daegu uit Korea te zien, onder de ferme leiding van zuster Catharina J.S. Kim. Hun uit het hoofd gezongen gezangen waren aan de figuur van Petrus gewijd. De kleurige Koreaanse klederdracht, nog flitsender dan de voorgaande dagen, zorgde al voor ze een noot gezongen hadden voor een daverend applaus. Het blijft een enorme prestatie om deze meisjes, die toch uit een totaal andere cultuur komen en zelfs ons schrift niet kunnen lezen, zo mooi en homogeen gregoriaans te laten zingen.

Deze laatste auditie werd waardig afgesloten door het Choeur Grégorien de Paris - Voix des femmes onder leiding van Olga Roudakova. Ze brachten vooral antifonen rond het thema Paulus. Acht hemelse stemmen die de moeilijkste melodieën zingen met hetzelfde gemak waarmee ze bij de bakker een baguette bestellen. Tegelijk leggen ze in hun uitvoering zoveel gedrevenheid en vakmanschap dat je letterlijk wegsmelt bij zoveel schoonheid. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat ze alle acht om beurten solopartijen zingen en zonder meer een geschenk zijn voor dit festival.
De regen
En ja, het moet gezegd: het weer zat dit festival niet mee. Mooi en warm weer zijn eerder traditie en de keren dat de legendarische recepties op de Oude Markt achter de kerk naar de parochiezaal moesten uitwijken, zijn op één hand te tellen. Deze keer heeft het - op de zondag na - vrijwel elke dag onophoudelijk geregend.

Toch kon dat de pret niet drukken. Bij een Kerelsbier, een Hommel of een Sint-Bernardus werd vrijdag binnen, zaterdag in de motregen buiten en zondag in de zon nagepraat, vriendschappen gesmeed en onderhouden, gezongen, gelachen, gelonkt en gedronken dat het een lieve lust was. Bij het afscheid was iedereen het erover eens: we staan hier over drie jaar terug voor een nog mooiere, nog betere, nog meer beklijvende tiende Jubileumeditie.
Dankjewel
Al dat moois hadden we alweer te danken aan een heleboel mensen voor en achter de schermen.
- Dank aan Bernard Deheegher, Martine, Benoît en Bénédicte, zonder wie dit festival er gewoonweg niet zou zijn;
- Dank aan frater Kees Pouderoyen osb voor zijn gul uitgedeelde kennis, ook al laat hij met zijn 'preken' de audities hopeloos uitlopen;
- Dank aan pater Gereon van Boesschoten die het hele festival met radde tong aan elkaar praatte, ons met zijn talenkennis blijft verbazen en met zijn oude Oostpriesterhulptruken de financiële nood van het festival helpt lenigen;
- Dank aan de vele tientallen opbouwers, afbrekers, plaatsaanwijzers, chauffeurs, koorbegeleiders, koks, elektriciens, geluidstechnici, brouwers, bouwers, sjouwers, ach in één woord: alle mensen van Watou die dit festival mee mogelijk maakten.
- Dank aan de onvermoeibare ploeg van het Centrum Gregoriaans die van hun gregoriaansminnende hart een steen moesten maken en in hun châletje tegenover de kerk cd's en boeken verkochten om hun gregoriaanse opleiding in Drongen mee te financieren in plaats van zelf naar al dit moois te gaan luisteren.
- Dank ten slotte ook aan Ger, Myriam, Kris, Erna, Bart, Lucienne, Michel, Marie-José, Pieter, Elly, Paul, Greetje, Herman, Ria, Manu en nog enkele anderen die ik nu vergeet, maar die voor mij persoonlijk dit festival onvergetelijk maakten met hun warme aanwezigheid, hun nachtelijke gesprekken, hun ochtendlijke gesprekken, hun onverwachte opduiken en hun even onverwacht weer verdwijnen.
Willy Schuyesmans
|